Strafzaak 'cokemanege' Nijeveen krijgt vervolg. Paardenhandelaar Jan B. gaat in hoger beroep tegen celstraf voor rol bij cocaïnewasserij

De strafzaak tegen Jan B. uit Nijeveen krijgt een vervolg. De 65-jarige paardenhandelaar gaat in hoger beroep tegen de celstraf voor zijn rol bij de ‘cokemanege’. Dat bevestigt zijn advocaat Xander Sijmons.

Jan B. uit Nijeveen op de voorgrond. Op de achtergrond de Egberdina Hoeve waar vorig jaar op 7 augustus de cocaïnewasserij is aangetroffen. Tekening: Petra Urban/Foto: DVHN

Jan B. uit Nijeveen op de voorgrond. Op de achtergrond de Egberdina Hoeve waar vorig jaar op 7 augustus de cocaïnewasserij is aangetroffen. Tekening: Petra Urban/Foto: DVHN

B. kreeg twee weken geleden van de rechtbank Amsterdam drie jaar celstraf opgelegd voor de ‘onmisbare rol’ die hij speelde bij de cocaïnewasserij die vorig jaar augustus in zijn schuur werd ontmanteld. B. werd in de naastgelegen woning aangehouden. Even verderop trof een zwaarbewapend arrestatieteam veertien Colombianen en een Turk aan die werkten in de wasserij. Zij kregen, op één Colombiaan na die later nog voor de rechtbank moet verschijnen, 2,5 jaar cel.

In die cocaïnewasserij was naar schatting van experts van de Landelijke Faciliteit Ondersteuning Ontmantelen (LFO) capaciteit om dagelijks 150 tot 200 kilo drugs middels een chemisch proces uit steenkool te wassen. Dat staat voor een straatwaarde tussen de 4,5 en 6 miljoen euro. Toen de politie binnenviel, was het cokelab actief; maar hoe lang het heeft gedraaid, is niet vast te stellen.

In Nijeveen is in ieder geval ruim 100 kilo zogeheten cocaïnebase gevonden, waar de pure harddrugs uit kan worden gehaald.

Niet eens met zijn straf

B. is het niet eens met zijn straf, maar waarom hij precies hoger beroep heeft aangetekend, wil Sijmons niet zeggen. „Dat houd ik liever nog even voor me.” De paardenman hield tijdens de behandeling van zijn strafzaak vurig vol geen dader, maar juist een slachtoffer te zijn van de illegale praktijken die plaatsvonden op zijn erf. Dat zag de rechtbank wel degelijk anders. „Hij wist dat er een lab was, dat er ‘poeder’ werd geproduceerd en na een gesprek met de ‘grote baas’ heeft hij niet ingegrepen.”

Justitie luisterde eind juli vorig jaar telefoongesprekken van B. af, waarin hij letterlijk zei: „Als we draaien, moeten we zoveel mogelijk pakken.” Hij had het over een miljoen. In de bak zitten, hoeft niet zo lang, denkt hij dan nog.

Na deze telefoongesprekken, als de wasserij begint te draaien, wil B. het lab geluidsdicht hebben en vertelt hij de criminele organisatie wat ze moet doen. „Geen stank, geen geluid. Anders draai je hier nooit meer. En als je niet akkoord gaat, dan rot je maar op, geef ik je aan bij de politie.”

In vrijheid afwachten

Omdat de rechtbank niet de onmiddellijke gevangenneming van B. heeft opgelegd, mag hij het hoger beroep bij het gerechtshof in Amsterdam in vrijheid afwachten. Wanneer dit zal dienen, is nog niet duidelijk.