Het pand waar Koetsier Vleeswaren in gevestigd was, krijgt een nieuwe huurder. Straks geen worst, maar olijven.

Leegstaande fabriek in Ruinerwold wordt omgebouwd voor verwerking van olijven voor supermarkten

Het pand waar Koetsier Vleeswaren in gevestigd was, krijgt een nieuwe huurder. Straks geen worst, maar olijven. Foto: Artizzl Media / Peter Nefkens

De leegstaande fabriek van Koetsier Vleeswaren aan de Hoge Akkers in Ruinerwold wordt omgebouwd. De Bouter Group betrekt het pand voor de verwerking van olijven voor de supermarkten van Albert Heijn en Delhaize.

De nieuwe fabriek biedt werkgelegenheid aan veertig tot zestig fulltime medewerkers en moet vanaf half april operationeel zijn.

De Bouter Group maakt onderdeel uit van Royal A-ware, dat vooral bekend is vanwege het groeiende aantal melkveehouders dat de melk aan dit bedrijf levert. „We zijn zeven jaar geleden in Woerden begonnen met de productie van tapas voor Albert Heijn en dat heeft een redelijke vlucht genomen”, vertelt directeur Jos Wissink van de Bouter Group in de kantine van het oude Koetsierpand.

Nieuwe locaties volgden elkaar vlot op. „We hebben in 2016 een pand in Almere betrokken; dat was toen zo groot, dat in eerste instantie slechts de helft gebruikt werd. Maar we bleven groeien en kregen van Albert Heijn de vraag of we ook vistapas konden maken. We hebben er een locatie in Volendam bijgekregen, een voormalig pand van Puul, de grootste garnalenproducent van Nederland. Vervolgens werd ook Delhaize klant van ons”, vertelt Wissink het succesverhaal. Sinds 2020 verwerkt Bouter Group ook de olijven voor Albert Heijn, toen daar Delhaize bijkwam, werd de bestaande locatie in Volendam te klein. En daar begint het verhaal voor Ruinerwold.

Machineleverancier

Wissink zag al dat er in Volendam onvoldoende ruimte was om al die olijven klaar te maken voor consumptie. „Eind vorig jaar hebben we besloten alle olijven op een aparte locatie te verwerken, via een bevriende machineleverancier kwamen wij bij Bert Koetsier terecht.”

Dat het Ruinerwold werd, is helemaal niet zo vreemd. „We hebben vooral Griekse olijven en die komen naar een groot distributiecentrum in Meppel. Voor de transportkosten maakt het niet uit of we in Ruinerwold gaan werken of in bijvoorbeeld Zeewolde. Het vinden van goed personeel is in die regio veel moeilijker, in Volendam werken bijvoorbeeld veel mensen die verder weg wonen. Het is daar ook lastiger om een woonplek te vinden.”

Het is nu zaak voor Wissink om te kijken welke van de huidige medewerkers naar Ruinerwold willen verhuizen om te werken. „Er hebben er zich al wat gemeld, die oriënteren zich nu in de buurt. Bert Koetsier is hier trouwens ook heel behulpzaam in. Ik heb ook al sollicitatiegesprekken gevoerd met mensen uit Ruinerwold zelf.”

Flinke verbouwing

Het huidige pand wordt intern flink verbouwd, zo zijn alle tussenmuren eruit gehaald en is één grote ruimte ontstaan. „Onze eigen aannemer is bezig, die weet exact hoe aan alle eisen van hygiëne moet worden voldaan, maar hij maakt wel gebruikt van allerlei onderaannemers uit deze regio.” In de grote hal die ontstaat, worden straks de olijven ontzout. Ze worden in vaten gespoeld en er wordt marinade gemaakt. Volgens de directeur is dat best een lastig proces.

Het gaat voor 90 procent om Griekse olijven. Er zit een flinke groei in deze sector en dat heeft mede met corona te maken”, verklaart Wissink de toegenomen consumptie. „Er worden naar schatting 100 vaten olijven per dag verwerkt in de fabriek”, geeft hij een indicatie van de hoeveelheden.

Kaashandel

Royal A-ware produceert kaas, room en dagverse zuivel en doet dat sinds 2010 onder die naam. Het was Peter Bouter die 125 jaar geleden met een kaashandel begon en daarmee de basis legde voor een bloeiend bedrijf. In 2010 bundelen Bouter en Anker Kaas de krachten en zo ontstaat de A-ware Food Group. In 2014 mag daar zelf het predicaat ‘koninklijk’ voor geplaatst worden. Het werd als een bekroning gezien voor het harde werken van de families Bouter en Anker, uiteraard met alle medewerkers die er door de jaren heen werkten. „En vanaf half april gaan we los in Ruinerwold”, concludeert Jos Wissink enthousiast.