Zweers Wijnholds neemt afscheid als directeur van Stichting Bijeen in Hoogeveen: een bevlogen leider in het onderwijs gaat zijn kennis anders inzetten

Zweers Wijnholds, geboren in Westerbork in 1958, neemt per 1 augustus afscheid van het werken voor het Rijk om voor zichzelf te gaan beginnen. Een grote, maar weloverwogen stap voor deze 63-jarige ‘onderwijzer’ met passie en leider met visie.

Zweers Wijnholds: ,,Laat kinderen maar af en toe ‘lummelen’, daar worden ze groot en sterk van."

Zweers Wijnholds: ,,Laat kinderen maar af en toe ‘lummelen’, daar worden ze groot en sterk van." Foto: André Weima Fotografie

Zweers werd als eerste mannelijke kleinkind vernoemd naar zijn opa Zwier Wijnholds. „Ja, die naam moet ik vaker uitleggen”, geeft Wijnholds bij de kennismaking toe. „Het gebeurde regelmatig dat men dacht dat ik door mijn collegae met mijn achternaam aangesproken werd en de rest met de voornaam. Niet dus.” Het beroep van leerkracht, zat niet in de familie. „Maar mijn moeder was wel altijd bezig met het helpen met huiswerk en lesgeven. Ze wilde kleuterleidster worden, maar ze kwam uit een gezin met negen kinderen en studeren, zeker voor meisjes, zat er niet in. Misschien heb ik het van haar. Mijn zoon is ook het onderwijs in gegaan, die begint net als directeur van een basisschool. Ja, misschien zit het nu toch wel in het DNA”, voegt Wijnholds trots toe.

‘Andere tijden’

Toen Zweers in 1979 afstudeerde aan de kweekschool (nu Pedagogische Academie Beroeps Onderwijs, PABO) was je ‘onderwijzer’ („ja, voornamelijk mannen toen”) en werd je geacht vakbekwaam les te geven aan 6- tot 12-jarigen. De kleuterschool was destijds nog apart en werd vooral bemand door vrouwen die de KLOS (Kleuter Leidster Opleiding School) hadden afgerond. „Dat waren wel andere tijden”, herinnert hij zich. „Toen ik bij mijn eerste school solliciteerde, was ik één van de 110 gegadigden. Dat kan je je nu niet meer voorstellen, toch? Je moest een proefles geven en dan zat er een heel gezelschap van de gemeente, de raad van bestuur en het hoofd van de school, nu de directeur, achter in het klaslokaal om te kijken of je wel goed lesgaf. Als je dan aangenomen werd, was je zo trots als een pauw.”

Zo begon Wijnholds’ carrière in het onderwijs voor de klas van obs de Dennenkamp in Ommen. „Het is fantastisch om met kinderen te mogen werken en ze te begeleiden in hun ontwikkeling. Je ging dan naar huis met een tas vol schriftjes om na te kijken. Bij ieder schriftje zag ik het kind dan voor me en met het corrigeren probeerde ik dan voor dat kind specifiek iets mee te geven om het de volgende keer net zo goed of beter te doen. Ook bij de 10-minutengesprekjes ging het met de ouders vooral over het kind en niet zozeer hoe hij of zij het deed in de totaalresultaten.”

‘Het begon te kriebelen, ik wilde meer’

Na zes jaar ging Wijnholds als directeur aan de slag op een kleine dorpsschool, obs Dalmsholte, in een kleine kern van de gemeente Ommen. „Ik was best jong om al directeur te zijn, ik was net 27, maar het was een kleine school en ik zag er de uitdaging om het reilen en zeilen in samenwerking met het team en de MR/OR, naar mijn hand te zetten. De titel ‘hoofd van de school’ was in die tijd ‘op een dorp’ niet zomaar iets. Men keek soms tegen je op. Je werd gelijk ingelijfd bij de vereniging van Plaatselijk Belang en ik werd regisseur van het dorpstoneel. Het was een heel goede leerschool. Maar ook daar begon het te kriebelen, ik wilde meer. Toen ik de functie van directeur van de Parkschool, een obs in het centrum van Coevorden zag, was ik geïnteresseerd. Die school kende een intensieve samenwerking met de inpandige Coevorden American School (CAS). Dat gaf een heel andere dimensie aan het werk. De school is in die tijd gegroeid van 145 naar 325 leerlingen. Een bijzonder proces om mee te mogen maken.”

Naast zijn passie voor het ambacht van lesgeven, bleek Zweers Wijnholds een bekwaam leider. De beschrijving van zijn LinkedIn-profiel geeft dat ook duidelijk weer: ‘Verstaat de kunst van het bezielen van organisaties en is van nature een verbindende, vitale leider. Biedt professionele ruimte in samenhang met heldere kaders en verwachtingen. Weet mensen in hun expliciete ambachtelijke kracht te zetten en te houden. Houdt speels overzicht en weet waar het écht om gaat. Communicatief vaardig en beschikt over een groot netwerk. Rustig van buiten, binnenin brandt immer het vuurtje.’

‘Toegevoegde waarde van samenwerken van scholen’

Deze combinatie van kwaliteiten bracht hem achtereenvolgens naar de functies directeur van een multiculturele school in Assen (obs Driemaster) en van obs Kloosterveen. „De wijk Kloosterveen is Assen was een compleet nieuwe wijk. Toen ik directeur werd was er nog niet eens een schoolgebouw. Machtig om te doen, het plannen, ontwerpen, bouwen, dan een team bij elkaar zoeken. Het was pionieren op bekend terrein. Heel waardevol. Van daaruit ben ik vloeiend doorgegroeid naar de samenwerking met meerdere scholen in het openbaar primair onderwijs en een bovenschoolse rol. Daar heb ik de toegevoegde waarde leren kennen van het samenwerken van scholen. Niet omdat dit praktischer of goedkoper kan zijn, maar vooral om overzicht te hebben en voor ieder kind naar behoefte de juiste plek te kunnen vinden en aanbieden.”

In 2008 maakt Wijnholds de overstap naar Emmen als bestuursmanager van het openbaar primair onderwijs (34 scholen, geleid door 30 directeuren). Daarnaast bekleedde hij de functie van voorzitter raad van toezicht Vereniging Openbaar Onderwijs Nederland (2015-2019) om in 2014 directeur-bestuurder van Stichting Bijeen in Hoogeveen te worden. Hiernaast vervulde Wijnholds de rol van voorzitter Raad van Toezicht VOO Nederland.

‘Huidige systeem wil te veel en te snel vooruit’

Je zou kunnen denken dat er naast dit drukke bestaan geen tijd meer voor een privéleven zou zijn, maar niets is minder waar: „Ik houd ontzettend van wat ik noem ‘lummelen’, gewoon een beetje rommelen in de tuin of in huis. Fietsen en vooral racefietsen doe ik ook heel graag. Met de kop in de wind even helemaal leeg worden. Als je dan weer ‘aan gaat’ dan stromen de ideeën als vanzelf je hoofd binnen en wat daarvoor als een berg van een probleem voor je opdoemde blijkt overkomelijk. Ik denk dat we in het huidige systeem te veel en te snel vooruit willen, maar dat het voor iedereen en vooral kinderen, heel belangrijk is om even stil te staan, even tot rust te komen en de dingen op je in laten werken om tot een weloverwogen besluit te komen. Ga je maar eens vervelen, traagheid kan helpen om tot mooie en sterke inzichten te komen.”

„Hoe ik het huidige onderwijs zie?” Wijnholds is duidelijk in zijn visie. „Onderwijs is een ambacht, een beroep waar je trots op moet zijn en het belang van moet inzien. Een leerkracht in het primair onderwijs staat aan de basis van onze toekomst. De politiek wil te veel in cijferkundige resultaten vertaald zien, maar een kind is zoveel meer dan dat. Wat is de achtergrond, het gezin, de wijk, alles speelt mee en de invloed van de leerkracht kan daar een steun zijn voor het kind, maar ook voor de ouders. Ik zie bij collega’s soms wel problemen met dat balanceren van belangen. Waar ligt de grens tussen professionaliteit en betrokkenheid bij kindproblematiek? Veel ouders vinden dat de school moet opvoeden, maar dat zou niet zo moeten zijn, we helpen mee met die opvoeding en dragen gereedschappen aan om verder te werken aan de ontwikkeling.”

‘Zelf bepalen wat de koers is’

Er is in de loopbaan van Zweers Wijnholds wel een trend te ontdekken. „Dat klopt”, lacht hij. „Na een aantal jaren in een bepaalde functie begint het te kriebelen. Ik werk nu bijna zeven jaar met veel plezier voor Stichting Bijeen, maar ik voelde dat ik nog iets anders wilde. Dat en mijn leeftijd hebben mij het besluit doen nemen het roer om te gooien en voor mezelf te beginnen. Echt het heft in eigen handen nemen en zelf bepalen wat de koers is. Als je binnen het onderwijs veranderingen wilt bewerkstelligen moet je toch altijd meebewegen en zachtjes duwen naar een andere richting. Als je te hard tegengas geeft, levert dat niet het gewenste resultaat op.”

Per 1 augustus van dit jaar is het dan zover. Het werken voor de Stichting Bijeen zit er dan op en ‘ZW Advies’ gaat van start. „Spannend ja. Gelukkig heb ik al aanvragen voor het geven van lessen bij de opleiding voor directeuren primair onderwijs. Verder is het de bedoeling dat ik besturen, schooldirecties en toezichthouders ga ondersteunen en adviseren. De basis van mijn visie is en blijft altijd het kind. Het werk in de klas is geweldig. Dat ik dat niet langer heb gedaan komt omdat ik een uitgesproken mening had en heb over hoe dingen het best gedaan kunnen worden. Ja, dan ben je al gauw zelf aan zet om de leiding in die richting op je te nemen, maar wel altijd samen met het team. Alleen ga je geen kant op. In de begeleiding die ik voor ogen heb zal ik dat ook benadrukken en de metafoor van het fietsen gebruiken. Iedereen in het peloton is belangrijk. De gele truidrager, dat is het kind, die moet met het best mogelijke uitgangspunt over de meet komen.”

Hoe dat ingevuld gaat worden heeft Wijnholds ook al duidelijk voor ogen: „We zullen zeker ook echt gaan fietsen. Kop in de wind en leeg worden. De VAM-berg is het probleem waar je mee om moet kunnen gaan. Je moet elkaar in de groep de ruimte kunnen geven, maar ook het lef hebben om even stil te staan om van het uitzicht te genieten en dan te bepalen wat de volgende stap moet zijn.” Wijnholds wil de sector onderwijs ook verbinden met andere sectoren, profit en non-profit. „Er valt veel te delen. Samen kunnen we verder komen.”

‘Niet nóg een vernieuwing’

Na alle omzwervingen in Nederland woont Wijnholds al weer jaren in Westerbork. „We wonen nu weer in mijn geboortedorp. De omgeving is hier prachtig en met mijn racefiets ken ik (bijna) elk weggetje. Ik ben getrouwd, vader van drie kinderen en de gelukkige opa van vier prachtige kleinkinderen. We hebben een fijne familieband. Ik zal me zeker niet gaan vervelen.”

Op de vraag wat hij zal doen als een nieuwe minister van Onderwijs bij hem aanklopt en hem vraagt te helpen bij een onderwijsvernieuwing is hij duidelijk: „Het onderwijs zoals het is heeft echt niet nóg een vernieuwing nodig, maar gewoon rust. Stel duidelijke normen, maar blijf flexibel. Geef kinderen de ruimte, niet alleen om een eigen mening te ontwikkelen, maar vooral ook fysiek. We proberen een bron van energie veel te veel in kaders vast te zetten. Laat ze maar af en toe ‘lummelen’, daar worden ze groot en sterk van. Uiteindelijk zal de maatschappij en de economie daar ook de vruchten van plukken. Dus of ik ga helpen als ik gevraagd word: zeker weten!”