Albert Wolting vertelt in nieuwe aflevering van het Scheepsjournaal over sluizen en sluisperikelen.

Boten in de Nieuwebrugsluis. Albert Wolting

In de 17e eeuw waren de wegen in Drenthe hoofdzakelijk zandpaden. Voor het transport van goederen en personen was dat niet de meest ideale weg. Kuilen, modder en plassen konden zorgen voor moeizame begaanbaarheid.

De trekschuit en de vrachtschepen waren toen een betere oplossing voor transport. Mede door de turfwinning ontstond in Drenthe een uitgebreid kanalenstelsel. Doordat de provincie niet vlak is, waren er sluizen nodig die hoogteverschillen konden overbruggen.

Hoogeveen ligt 10,20 meter hoog en Assen is 12,00 meter hoger ten opzichte van Meppel. Assen is via de Drentsche Hoofdvaart verbonden met Meppel. Er zijn zes sluizen in deze vaart. Aanvankelijk was er de Smildervaart. Deze ging niet verder dan de Smilder- en Leggelervenen. Uiteindelijk is Assen tussen 1767 en 1789 verbonden met het verbeterde kanaal, de Drentsche Hoofdvaart. Het kanaal is inmiddels niet meer voor het goederenvervoer in gebruik.

Kunststofsluisdeuren, een primeur

De sluizen zijn 26 meter lang en de kanaaldiepte is op sommige plaatsen maar 1,50 meter. Assen wordt nog wel bevoorraad over het water. Grind en cement wordt aangevoerd via het Noord Willemskanaal. Terwijl Assen maar 33 kilometer van Hoogeveen af ligt moet een binnenvaartschip 125 kilometer rondvaren, via de stad Groningen, om de losplaats te bereiken. Twee jaar geleden werden de sluizen op het Noord-Willemskanaal voorzien van kunststof deuren, dat was een primeur. Deze deuren moeten 100 jaar mee gaan. Inmiddels is de Nieuwebrugsluis in Hoogeveen ook voorzien van dit type deur.

Sluisperikelen

Is alle verandering ook een verbetering? De houten sluisdeuren van de Nieuwebrugsluis hebben ruim 50 jaar dienst gedaan. In de deuren zaten vierkante schuiven die open getrokken werden om het water door te laten. Door ze eerst een klein eindje open te trekken kwam het water rustig binnen. Ook met een sluis vol jachten leverde dat geen probleem op.

Inlaatsysteem

Met de nieuwe deuren is gekozen voor een ander inlaatsysteem. De openingen zijn ronde gaten. De vier schuiven worden eerst voor 40 procent open getrokken. Als het niveau op 75 procent zit gaan de schuiven helemaal open. Het hoogteverschil dat de Nieuwebrugsluis overbrugt is 6,30 meter. Hierdoor ontstaat een grote waterdruk bij de opening van de schuiven. Het gevolg is dat het water met grote kracht in de sluis spuit, veel sterker dan voorheen.

Problemen met het afmeren en schutten

Het sluispersoneel adviseert daarom de schippers af te meren op maximaal tweederde van de sluisinvaart. Toch komt het voor dat ook voor in de sluis wordt afgemeerd wanneer er veel jachten zijn. Als dan de instructies van het sluispersoneel niet goed wordt opgevolgd zorgt dat voor problemen. Zo ook op maandag 28 juni. Er meerden vijf jachten af in de sluis. Het voorste jacht lag vrijwel voorin. Toen het schutten begon, ging het mis. De schipper had niet goed afgemeerd. Het jacht kwam dwars in de sluis te liggen en men had het vaartuig niet onder controle. De sluismeester gebruikte de noodstop.

Opnieuw werd duidelijk gemaakt hoe men het jacht moest vastmaken. Doordat de schipper het niet vertrouwde en zijn eigen ideeën toepaste ging het weer mis. Men raakte het jacht wat er achter lag. Weer werd de noodstop gebruikt. Nogmaals werd uitgelegd hoe men veilig kon schutten. Nadat het water hoger kwam werd de waterdruk minder en kon men uiteindelijk met een ervaring rijker de sluis verlaten.

Albert Wolting