Scheepsjournaal De Drentse Praam: Proviandboot Caland en ir. Pieter Caland

De Caland. Foto: Albert Wolting

Albert Wolting vertelt in nieuwe aflevering van het Scheepsjournaal De Drentse Praam over ingenieur Pieter Caland en een proviandboot die na hem vernoemd is. Pieter Caland (1826 – 1902) ontwierp de Nieuwe Waterweg, de vaarweg vanaf Hoek van Holland naar Rotterdam. Dit maakte in de 19e eeuw de havenstad beter bereikbaar voor diepliggende zeeschepen. Toch is Caland een roemloze dood gestorven.

Pieter Caland was de eerste in Nederland die een budget overschrijdend project voor de overheid uitvoerde, maar door zijn plan is Rotterdam nu wel de grootste havenstad van Europa! Er staat inmiddels een standbeeld voor Caland in de stad. Ook straten, een kanaal, scholen en schepen zijn naar hem vernoemd.

Proviandering

Voordat de zeeschepen Rotterdam voor een lange zeereis weer gaan verlaten worden ze geproviandeerd. Er zijn diverse bedrijven die in bevoorrading zijn gespecialiseerd. Zo ook de firma Frenck, dit bedrijf leverde alles voor in het kombuis, de machinekamer en aan dek. Men had daarvoor zogenaamde proviandboten in gebruik.

In 1955 liet men een nieuw schip bouwen. Het schip werd zo gebouwd dat het zeewaardig was. Frenck was een jood en had de schrik van WO2 nog in de benen. Hij kon dit nieuwe schip ook als vluchtschip gebruiken ingeval van dreiging uit het oosten. De nieuwe proviandboot werd gebouwd op scheepswerf De Hoop in Schiedam. Er kwam een Kromhoutscheepsmotor in te staan, een achtcilinder van 108 pk. De afmetingen van het zijn schip 16,50 x 4,50 meter. Het laadruim heeft een schuifluikenkap. Dat was uniek in de jaren vijftig. De binnenvaartschepen hadden toen vrijwel allemaal een houten luikenkap. Het schip werd Caland genoemd. In 1957 had men al een mobilofoon aan boord. Men stond hierdoor rechtstreeks in contact met het kantoor aan de wal. Nieuwe bestellingen die vervoerd moesten worden werden direct doorgegeven aan schipper Visser. Hij vertelde: ‘Je weet wel hoe laat je ’s morgens vertrekt maar je weet nooit hoe laat je ’s avonds weer thuis bent’. Het bedrijf had de slogan: ‘Wij leveren alles direct’. Zo lag er eens een zeeboot in de Botlek en de kok bestelde op zaterdag vijf stokbroden. Dat was circa 20 kilometer varen, de Caland bracht het ‘even’.

Het bedrijf van Frenck ging over in Engelse handen en was na een paar jaar failliet. De Caland is van toen verschillende bedrijven geweest in Rotterdam. In 1986 kwam het schip in particuliere handen.

Naar Hoogeveen

In 1988 kocht ik de Caland. Het schip was nog helemaal in de oorspronkelijke staat. Voor mij de uitdaging om hier een recreatievaartuig van te maken. Aanvankelijk had ik grootse plannen om er een ruime stuurhut op te zetten. Nadat ik in 1989 er een keukentje van 2,00 x 1,50 meter had laten inbouwen en dat 10.000 gulden kostte (er was geen kant recht) was de knip leeg, want mijn eerste schip was nog niet verkocht. Wij zijn er mee gaan varen en in de loop der jaren het schip verder ingericht. Het uiterlijk is nog steeds origineel. Daardoor kreeg het schip toen het 50 jaar oud was de status Varend Monument. Al 33 jaar is de Caland een bekende verschijning in Hoogeveen. Diverse keren kwam Sinterklaas er mee binnen. Al enige jaren ligt het schip aan het eind van de Industriehaven met een groot reclamebord van de Drentse Praam er op. Nog steeds zijn er plannen voor het realiseren van een Historisch Scheepvaartcentrum in Hoogeveen.

Albert Wolting

Nieuws

Meest gelezen