SRK stuurt laatste humanitaire vracht naar Wit-Rusland

De vrachtwagen met hulpgoederen voor Wit-Rusland wordt voor de laatste keer geladen. Foto: André Weima Fotografie

De laatste humanitaire vracht voor arme regio’s in Wit-Rusland werd dinsdagochtend 6 april ingeladen in Hollandscheveld. De Stichting Rusland Kinderhulp (SRK) is sinds 2018 bezig haar activiteiten af te bouwen. Dat geldt ook voor de vrachten, gemiddeld zo’n vier per jaar, met kleding, schoenen, beddengoed, schoolmeubilair, ziekenhuisbedden, rolstoelen, rollators, huisraad en meer.

De Stichting Rusland Kinderhulp in Hollandscheveld werd opgericht na de kernramp van Tsjernobyl in 1986. Het doel was: het tijdelijk opvangen van kinderen in Nederlandse gastgezinnen, vaak voor een periode van twee maanden, om hen een gezonde omgeving en voeding te bieden.

Door de positieve contacten die ontstonden, werden al snel tegenbezoeken gebracht aan Wit-Rusland. De gastgezinnen zagen met eigen ogen hoe groot de armoede was op met name het platteland evenals de gezondheidsschade door de ramp, zoals een verhoogd aantal gevallen van kinderkanker en aangeboren afwijkingen.
Diverse hulpacties en projecten werden op touw gezet. Goederen werden ingezameld voor scholen, internaten/weeshuizen, ziekenhuizen en bejaardentehuizen. Vele voedselpakketten werden gevuld. Er werden Ronald McDonald-achtige huisjes gebouwd bij ziekenhuizen. Zo’n honderdveertig landbouwprojecten werden opgetuigd, waarbij scholen en internaten begeleiding kregen bij het verbouwen van hun eigen voedsel.

Inzameling hulpgoederen

Hoewel het bestuur van SRK in Hollandscheveld is gevestigd, werden ook in andere delen van het land werkgroepen opgericht. Op het hoogtepunt waren dat er zo’n 25.
In de eerste jaren werden de hulpgoederen ingezameld en gesorteerd in een oude veestal van Bertus Kikkert. Vanaf 2006/2007 gebeurde dat in het achterhuis van Henk en Rika Kerssies. Een groep van zes vrouwen sorteerde daar wekelijks alle binnengekomen kleding en spullen. Vier mannen laadden de vrachtwagens. Ook door werkgroepen in plaatsen als Rotterdam, Putten, Westland en Dronrijp werden vrachtwagens gevuld, maar altijd onder verantwoordelijkheid en toezicht van de bestuursleden in Hollandscheveld. De benodigde documenten werden ook door hen geregeld.

Blauwe stoelen

Onder andere door de regelmatige bezoeken voor landbouwprojecten kregen de vrijwilligers een goed beeld waar welke hulp hard nodig was. Zo vertelt Rika: „Ik herinner me dat de gebruikte blauwe stoelen van het Jeugdcentrum in Hollandscheveld zijn verdeeld over diverse scholen. Die zagen we bij de bezoeken geregeld terug.” Het is slechts één van de vele voorbeelden. Henk vult aan: „We zagen met eigen ogen dat goederen goed terechtkwamen. Dat motiveerde ons enorm om door te gaan.”


Hulp blijft nodig

In de laatste jaren liep het aantal gastgezinnen en werkgroepen terug, was het moeilijk om jonge mensen voor het bestuur te vinden en raakte de ramp in Tsjernobyl in z’n algemeenheid meer op de achtergrond. Zodoende werd in 2018 besloten om te stoppen met de stichting in de huidige vorm. Dit betekent niet dat alle activiteiten stoppen. De hulp is nog steeds bitterhard nodig. Corona en de onrust na de verkiezingen van afgelopen augustus in Wit-Rusland hebben het er niet beter op gemaakt. Prijzen van diverse producten stijgen al weer naar ongekende hoogten.

SRK-voorzitter Klaas Koops benoemt op de website de activiteiten die doorgaan, zoals de financiële adoptie van kinderen en acties met voedselpakketten en landbouwzaden. De overgebleven werkgroepen in het land gaan door als ‘SRK vriendengroepen’, één werkgroep gaat zelfstandig door.
Daarnaast werd waar mogelijk al samengewerkt met hulporganisaties in Wit-Rusland zelf. Die samenwerking probeert men uit te breiden om structureel hulp te kunnen blijven bieden.

Bonuskinderen

Bovenal zijn er vriendschappen en familie-achtige banden voor het leven ontstaan door de in totaal 15.000 Wit-Russische kinderen die in al die jaren in Nederland verbleven. Zo heeft de familie Kerssies nog steeds contact met Vera, die in 1996 twee maanden bij hen verbleef. Naderhand kwamen andere kinderen uit hetzelfde gezin naar Hollandscheveld en werden ook hun ouders uitgenodigd voor een korte vakantie.
Henk: „Ons hart zal altijd voor een deel in Wit-Rusland liggen. We zien er naar uit om onze ‘bonuskinderen’, hun gezinnen en de vele andere mensen die we door ons werk voor de stichting hebben leren kennen weer te kunnen bezoeken en uitnodigen.”