'Parasport ouder dan menigeen denkt' Volop activiteiten door parachutisten op vliegveld Hoogeveen

Als inwoner van Hoogeveen zult u het in de afgelopen tijd vast wel gemerkt hebben. De parachutisten op het vliegveld van Hoogeveen staan momenteel volop in de belangstelling. Zo was er onlangs het jaarlijkse internationale parachutistenfeestje ‘Viking Boogie’ waarbij uit twee ‘Caravan’-vliegtuigen vele honderden sprongen werden gemaakt en mag de Hoogeveense paraclub volgende maand als gastheer optreden van de ‘Open Nederlandse Kampioenschappen Parachutespringen’. De hoogste tijd om ook in Luchtpost weer eens aandacht te besteden aan deze luchtsport die ouder is dan menigeen zal denken.

Vanaf het terras van het vliegveldrestaurant kijken naar de met duizelingwekkende snelheid door het luchtruim vliegende para?s. Het is een favoriete bezigheid van veel Hoogeveners.

Vanaf het terras van het vliegveldrestaurant kijken naar de met duizelingwekkende snelheid door het luchtruim vliegende para?s. Het is een favoriete bezigheid van veel Hoogeveners. Foto: Gerrit Boxem

Volgens oude documenten sprongen al in het jaar 1306 enkele Chinese acrobaten ter gelegenheid van de kroning van een keizer met zijden valschermen van een hoge bamboetoren. Bijna twee eeuwen later ontwierp het genie Leonardo da Vinci ook een parachute: een soort tent met een vierhoekig, houten basisframe. De eeuwen die volgden stonden vooral in het in de praktijk uitproberen van allerlei parachuteontwerpen. Ontelbare waaghalzen wierpen zich met allerlei eigen maaksels van hoge torens en lieten toekijkende menigten huiveren als ze jammerlijk dodelijk verongelukten.

Als echte bruikbare valbreker maakte de parachute zijn debuut tijdens de Eerste Wereldoorlog toen diverse Duitse vliegers en ballonvaarders er hun leven aan te danken hadden. De eerste Nederlander die met een parachute uit een vliegtuig sprong was ene Morescant Kessner. Voor tweeduizend gulden per sprong zou hij in 1919 tot driemaal toe uit een vliegtuig springen tijdens de ELTA (Eerste Luchtvaarttentoonstelling Amsterdam). Maar al bij de eerste sprong bleek Kessner niet te durven. Hij klom op de romp van het vliegtuig en moest daar door de bemanning met een zware Engelse sleutel vanaf worden geslagen. Daarna wilden de organisatoren van het vliegfeest hem die andere twee sprongen niet meer laten maken, zo hij al gedurfd had.

Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden door zowel de Duitsers als de geallieerden volop parachutisten ingezet bij de diverse militaire operaties zoals D-Day en de Slag om Arnhem. Maar ook in Drenthe werd aan het eind van de oorlog de parachute als middel gebruikt om de geallieerde militairen zo snel mogelijk op de plaats van bestemming te krijgen. Dat gebeurde tijdens de zogeheten ‘Operatie Amherst’ (op 7 en 8 april 1945) waarbij 700 Franse parachutisten in Drenthe en Groningen gedropt werden om verkeersknooppunten en bruggen veilig te stellen als voorbereiding op de komst van de Canadese militairen.

De honderdduizenden militairen die tijdens de oorlog hadden leren omgaan met de parachute, vormden na de oorlog de basis van de valschermsport die vanaf de jaren vijftig snel aan populariteit won. In Nederland waren het de in Indonesië ingezette ex-paracommando’s die in 1948 de Eerste Nederlandse Parachutisten Club oprichtten. Nieuwe leden moesten echter helemaal naar Frankrijk om daar het parachutespringen te leren.

Pas in 1958 werd op het Limburgse vliegveld Beek een eerste Nederlandse springschool gestart door oud-commando Hugo ‘Janus’ Plaizier, die helaas een jaar later bij een vliegtuigongeluk om het leven kwam. Langzamerhand kwamen er meer plekken in ons land om het parachutespringen te leren. Zo werden er in 1965 springclubs opgericht op de vliegvelden Seppe en Zestienhoven. Later gebeurde hetzelfde op de vliegvelden Hilversum en Teuge.

Para Centrum Noord

In mei 1970 werd in de Bosmanege in Assen door een aantal enthousiaste parachutisten, die voorheen lid waren van bovengenoemde clubs, een paraclub opgericht voor mensen uit Noord-Nederland. De club kreeg de naam: ‘Para Centrum Noord’. Ze waren het maken van verre reizen naar het midden en westen van het land beu. Sommigen moesten voor één enkel sprongetje drie uur heen en drie uur terug reizen. Het eerste jaar van haar bestaan sprongen de leden van Para Centrum Noord boven Ameland.

Daarna verhuisde men achtereenvolgens naar Emmeloord en naar het vliegveld Eelde om uiteindelijk, begin 1972, definitief z’n thuisbasis te vestigen op het vliegveld van Hoogeveen. Van de ongeveer 25 leden tellende club uit 1972, is het ‘Para Centrum Noord’ in de loop der jaren uitgegroeid tot ‘Skydive Hoogeveen’ (zoals de paraclub tegenwoordig heet) en waarvan de honderden leden jaarlijks duizenden sprongen maken uit het eigen vliegtuig van de club.

Tandemsprong

Wie eens nader kennis wil maken met de parasport zonder meteen een volledige cursus te hoeven volgen, kan een zogenaamde ‘tandemsprong’ maken. Na een korte briefing van ongeveer een kwartier wordt de debutant, als het vliegtuig op de juiste hoogte is gekomen, vastgehaakt aan de borst van een ervaren parachutist, de zogeheten tandemmaster’. Die tandemmaster’ heeft, in verband met het extra gewicht, een extra grote parachute op zijn rug bevestigd.

Uiteraard is iedereen tijdens zo’n eerste sprong erg gespannen. Een tandemmaster: “Het is vermakelijk om te zien hoe sommigen met veel bravoure, gekleed in zware leren jacks op grote motoren het vliegveld komen oprijden, maar heel klein worden als ze op drie kilometer hoogte in het vliegtuig zitten. ‘Ik durf niet!’, roepen ze als ze dan moeten springen. Daar boven kom je jezelf tegen. Je kunt je angsten niet meer verbergen achter een stoer leren jack of iets dergelijks. Maar naarmate je vaker springt, verdwijnt die angst. Wat dat betreft is het ‘zwemmen’ in het luchtruim te vergelijken met het zwemmen in het water.

Iedereen die niet kan zwemmen is bang voor het water. Pas als je de zwemkunst meester bent ga je je erin thuis voelen.” Vrijwel iedereen kan een tandemsprong maken mits goed gezond en niet té bang. Er wordt voor de veiligheid een minimumleeftijd van 14 jaar, een lengte van maximaal 2 meter en een gewicht van maximaal 95 kg aangehouden. Minderjarigen moeten de schriftelijke toestemming van hun ouders hebben.