Mondkapjesweigeraar terecht ontslagen bij kaasmaker

De medewerker wilde geen mondkapje dragen, omdat hij dacht er ziek van te worden. Foto ter illustratie.

Een werknemer van DOC Kaas in Hoogeveen is terecht ontslagen vanwege zijn weigering een mondkapje te dragen tegen het coronavirus, heeft het gerechtshof in Leeuwarden bepaald. De rechter neemt de medewerker ook kwalijk dat hij zich agressief heeft opgesteld tegenover zijn leidinggevende.

De mondkapjesruzie is bepaald niet het eerste incident op zijn werk waarbij de man betrokken is. Sinds 2014 ontvangt hij drie schriftelijke waarschuwingen van DOC Kaas vanwege onder meer het verkeerd gebruik van folie bij het verpakken van kazen en het niet uitvoeren van controles in het productieproces.

In het najaar van 2020 stuit de ingevoerde mondkapjesplicht bij de kaasmaker de werknemer tegen de borst. Aanvankelijk stelt hij vanwege een ontstoken kies geen mondkapje te kunnen dragen. Maar zijn werkgever vindt dat hij er wel degelijk een op moet doen.

Kantine

Vervolgens keert de medewerker zich volledig tegen het dragen van mondkapjes. Na discussies daarover eet hij niet meer met zijn collega’s in de bedrijfskantine.

De situatie ontspoort in maart 2021 als de man door zijn leidinggevende wordt aangesproken op het niet dragen van een mondkapje, terwijl hij op minder dan anderhalve meter afstand werkt van een collega die zijn mond overigens wel bedekt heeft. „Jij kunt mij niet verplichten om een mondkapje te dragen”, is zijn reactie.

In het kantoor van de leidinggevende schiet de mondkapjesweigeraar daarna uit zijn slof. „De maatschappij deugt niet. Jullie zien toch ook wel wat er aan de hand is?” roept hij tegen zijn baas. „Ik wil het mondkapje niet dragen omdat het inademen van eigen adem de mens ziekt maakt. Kijk het maar na in de Code van Neurenberg”, haalt hij een kreet aan die populair is bij coronaontkenners.

Dreigend

Na zijn herhaalde weigering om een mondkapje te dragen, wordt de man naar huis gestuurd. Hij stelt zich dan volgens zijn leidinggevende dreigend op. „Jullie zijn nog niet van me af. Ik laat dit niet zomaar gebeuren. Ik laat het hier niet bij zitten. Jullie horen nog van mij”, zou hij bij het verlaten van het bedrijfspand hebben geroepen. Hij ontkent later zich agressief te hebben opgesteld, maar de rechter acht dit wel degelijk bewezen.

Een dag na het mondkapjesconflict wordt de medewerker uitgenodigd voor een gesprek bij twee managers van DOC Kaas. Hij herhaalt dan geen mondkapje te willen dragen. Aan het einde van het gesprek krijgt de man een brief overhandigd waarin staat dat hij op staande voet wordt ontslagen bij de kaasfabrikant.

De mondkapjesweigeraar stapt vervolgens naar de kantonrechter om zijn ontslag aan te vechten, maar hij verliest die zaak. Intussen vindt hij in oktober 2021 een nieuwe baan. In hoger beroep legt hij zich neer bij het ontslag, maar eist hij wel een vertrekvergoeding van ruim 136.000 euro.

’Kortere lontjes’

Maar het gerechtshof maakt korte metten met zijn eis. Volgens de rechter had DOC Kaas wel degelijk het recht om de mondkapjesplicht in bepaalde situaties in te voeren. „Ook indien rekening gehouden wordt met de uitvergroting van tegenstellingen en de ’kortere lontjes’ die het gevolg waren van de corona-uitbraak en de daartegen getroffen maatregelen, betekent dit niet dat DOC Kaas aan de weigering van de medewerker en de toon waarop hij zijn weigering had geuit, geen gevolgen mocht verbinden.”

Het gerechtshof keurt daarom het ontslag op staande voet goed. In plaats van een gouden handdruk wordt de mondkapjesweigeraar als verliezer van de procedure veroordeeld tot het betalen van de proceskosten van 3011 euro.

Nieuws

menu