Jaopeks Wolvenjacht. Een (k)oud verhaal

Zullen we met deze kou nog één keer de winter in stappen? Een laagdrempelige uitleg over de wolvenjacht en de rol van de trommelslager. Terug naar de 17e eeuw in Hoogeveen.

De oude Jaopek mijmerend over de jacht uit zijn jeugd.

De oude Jaopek mijmerend over de jacht uit zijn jeugd. Eigen foto

Het is nog stikdonker, als moeder het vuur in de haard tot meer leven probeert te brengen. Ze verkruimelt wat bolster en legt er een paar stevige turven bij. Jaopek zit bijna direct rechtop in de bedstee, daarbij meteen zijn jongere broers wakker stotend, wat hem niet in dank wordt afgenomen. “Jongens, we mut der uut, we gaot op wolvenjacht!” Terwijl moeder de eerste pan insmeert, om een stapeltje pannekoeken te maken, schuiven de jongens in hun lange kousen, tot ver over de knie, verdwijnt het grote nachthemd in een stevige broek, nog een extra warme broek erover, schoenen aan, overhemd, een warme jas en dan dicht op de haard even snel de eerste pannekoeken opmaken. De zussen maken wat opmerkingen over wolven. Ze kennen gruwelijke verhalen over angstaanjagend huilende monsters, vermoorde kinderen en opgevreten kalveren, schapen, ja zelfs lijken die uit hun graven worden gehaald en uit elkaar worden gescheurd. “Die wolf die wij vandage tegenkoomt, die hef zien leste boekie vol had, die komp nooit weer”, zegt vader.

Wat moet je ook met die ondingen

Nieuws

menu