Een dreigende grensoorlog met Overijssel. Een zondag in 1790 en een rooftocht

Historicus Albert Metselaar duikt wekelijks voor de Hoogeveensche Courant in het verleden. Deze keer over een grensoorlog met Overijssel.

Zwarte of Friese Dijk is nog slechts een kort paadje.

Zwarte of Friese Dijk is nog slechts een kort paadje. Foto: Archief Albert Metselaar

In de jaren ’70 en ’80 van de 18e eeuw, net voor de Franse Tijd, liepen de spanningen tussen Overijssel en Drenthe over de zuidgrens steeds hoger op. Toen de Heer Roelof van Echten inactief bleef, was bij de Hoogeveense verveners het geduld op. De familie Van Echten was erfelijk aangesteld als hoofddirecteur van de Compagnie van 5000 Morgen, niet omdat ze zouden heersen, maar opdat ze de belangen van de verveners naar buiten toe zouden verdedigen. Wat dus niet meer gebeurde. In juni 1789 werden er ‘door die van Lutten zware klagten gedaan’ over arbeid op de betwiste venen, door mensen uit het Hollandsche Veld. Men zou er aan het greppelen geslagen zijn; kleine greppeltjes aanleggen om de ontwatering te bevorderen, waarna de bovenlaag van het veen als boekweitenakker gebruikt kon worden. Schulte C.E. Carsten van Echtens-Hoogeveen, trok meteen op onderzoek uit. Het was zijn bedoeling de klachten te onderzoeken en de daders het verdere werk op dit veen te verbieden.

Nieuws

Meest gelezen