De vliegramp boven Apeldoorn. Bezoekje aan moeder loopt uit op drama

Het is dit jaar precies 75 jaar geleden dat Apeldoorn geconfronteerd werd met één van de ergste rampen uit de Nederlandse luchtvaartgeschiedenis. Klas 2c van de christelijke HBS in Apeldoorn had op 7 oktober 1946 gymnastiek, toen Max Christern in een Fairey ‘Firefly’ zijn eerste solovlucht maakte. Tegen de regels in koerste hij met het eenmotorige jachtvliegtuig naar zijn woonplaats Apeldoorn om zijn moeder, die in een straat achter die school woonde, een groet te brengen. Dat liep niet goed af. 22 leerlingen van klas 2c kwamen om, evenals Christern en zijn moeder. De gymleraar en vijf leerlingen overleefden de vliegramp.

De vlieger kon niet verhinderen dat de rechtervleugel van de Firefly de linkerhoek van het hoofdgebouw raakte.

De vlieger kon niet verhinderen dat de rechtervleugel van de Firefly de linkerhoek van het hoofdgebouw raakte. Foto: Fotomontage Gerrit Boxem

Nadat de 23-jarige Max Christern zijn weekendverlof bij zijn in Apeldoorn woonachtige moeder had doorgebracht, reisde hij op zondagavond 6 oktober 1946 per trein weer terug naar de vliegbasis Valkenburg waar hij als piloot in dienst was bij de vliegafdeling van de Koninklijke Marine. Christern was een beetje zenuwachtig want de volgende ochtend zou hij te horen krijgen of hij al dan niet mee mocht met een trip van het vliegdekschip de ‘Karel Doorman’ naar Nederlands-Indië. Die maandagochtend, de zevende oktober 1946, hoorde Christern dat dat inderdaad het geval was. In een jubelstemming steeg hij die ochtend op voor het maken een oefenvlucht met een Fairey Firefly en zette direct koers naar Apeldoorn. Kort na de oorlog was er nog maar weinig behoefte aan regels in de militaire vliegerij. Zo was het plannen en uitvoeren van de oefenvlucht geheel een zaak van de vlieger zelf. Hij kon min of meer doen en laten waar hij zelf zin in had.

Nieuws

menu