‘Stop pesten, doe er niet aan mee’: Jeugdwerkers Krakeel maken pesten bespreekbaar op het schoolplein

Leerlingen van obs Apollo en cbs De Morgenster maken samen een tekening op het schoolplein tegen pesten. Foto: André Weima Fotografie

Op de zwarte T-shirts van de medewerkers van SWW prijkt de tekst: ‘Stop pesten, doe er niet aan mee’ . Het is dinsdag tijdens de landelijke dag tegen pesten een mooie aanleiding om met de leerlingen van obs Apollo en cbs De Morgenster het gesprek aan te knopen over pesten op het gezamenlijke schoolplein.

Alle leerlingen van de twee scholen waren ‘s ochtends uitgenodigd om mee te tekenen en te kleuren aan een groot hart op het plein. „We hebben het dit jaar voor het eerst gedaan, maar maar houden ‘m erin”, vertellen Gerda Lammerts van Bueren, Djamilla Eleveld en Carmen Pol van SWW na afloop. Gerda en Djamilla zijn betrokken bij het schoolmaatschappelijk werk in Krakeel en Carmen richt zich op de taalontwikkeling van de jongste wijkbewoners. „We hebben alle SWW-medewerkers gevraagd om deze dag mee te doen. Het is goed dat de kinderen onze gezichten kennen en weten dat ze bij ons terecht kunnen. Dus ook bijvoorbeeld Jasper Laaning was aanwezig.”

Pesten is geen makkelijk onderwerp, ook al heeft eigenlijk iedereen er wel mee te maken (gehad). Door gepest te worden, zelf te pesten of een vriendje dat gepest wordt. „Het gebeurt meer dan we zien en denken”, daar zijn de drie jeugdwerkers van overtuigd. Daarom is het goed erover te praten, altijd. Niet alleen als het uit de hand loopt

Goede gesprekken

„Het was mooi weer en we hadden goede gesprekken”, vat het drietal hun ‘actie’ tevreden samen. Samen met de kinderen werd er gekleurd met stoepkrijt en met de kinderen gepraat over pesten en gepest worden. „Het is niet makkelijk, maar kinderen durven best toe te geven dat zij wel eens pesten. Opvallend is dat veel kinderen vooral aangeven dat zij hun broer of zus pesten.” Eenmaal die horde genomen, komen ook andere pesterijen naar voren. Pesten gaat verder dan plagen. Ook kinderen voelen en snappen dat verschil wel, legt het drietal uit.

Brillenaap

Pesten gaat vaak over uiterlijke kenmerken, anders zijn. Carmen: „Vandaag hoorde ik nog brillenaap voorbij komen.” Pestgedrag is al terug te vinden bij de jongste kinderen. „Daar gaat het vaak om het buitensluiten van kinderen. Niet een keer, maar steeds weer. Vooral als er een hele groep bij betrokken wordt, is het pesten.” Ook geven kinderen zelf redenen aan om te pesten: bijvoorbeeld het meedoen met pesterijen uit angst om zelf gepest te worden.

Pesten is niet alleen schelden of buitensluiten, er is in de wijk ook fysiek pestgedrag. „Slaan, schoppen. Dat kinderen zelfs bespreken wie ze gaan slaan.” Het geeft de jeugdwerkers een serieuze reden om de problemen te blijven aankaarten.

Slaan helpt niet

Iedere situatie is weer anders, maar over het algemeen geldt dat erop in gaan de situatie verergert en er over praten helpt. Gerda: „Een meisje vertelde me vandaag dat wanneer zij gepest wordt haar moeder zegt: ‘sla dan maar terug’. Terwijl ze van de juf hoort dat ze het moet oplossen met praten en niet met de handen.” Met enige trots besluit Gerda het verhaal met conclusie van het kind zelf: „Slaan helpt niet, dat werkt tegenovergesteld.” De drie jeugdwerkers weten dat wanneer je naar de kinderen luistert en hen ruimte geeft om zelf oplossingen te bedenken, ze dit ook kunnen. Het drietal probeert kinderen te leren hoe om te gaan met pesten. „Dat kan bijvoorbeeld met een weerbaarheidstraining. Als SWW helpen we de scholen in deze wijk daarmee. Die samenwerking is heel fijn.”

Nieuws

menu