Lucas en Aïda | Onder de loep

Lucas Aardenburg in Hoogeveen. Foto: collectie Johann Bisschop

In de serie Onder de loep speelt nostalgie een prominente rol. Aan de hand van een oud reclameobject een ansichtkaart of foto uit museum Michielreclame op Buitenvaart, brengt Johann Bisschop de historie tot leven. Deze editie: Lucas en Aïda

Dit is voor mij een heel bijzondere foto. Want direct onderaan tegen de pijp heeft mijn vader jarenlang zijn timmermanswerkplaats gehad bij Lucas Aardenburg. Af en toe nam hij me wel eens mee, maar ik was er niet dol op, want de cirkelzaag en de vlak- en vandiktebank maakten zo’n vreselijke herrie, dat ik beide handen altijd voor mijn oren hield vanwege de pijn. Tja, zo kan je vader je dan moeilijk wat uitleggen over zijn werk. Ik snap overigens nu wel waarom mijn vader vanaf zijn zestigste zo doof was.

Verder was het meest linker huis langs het kanaal van de ouders van mijn vrienden Jan en Andries Boesenkool. Ons huis aan de Dr. v.d. Veldestraat moest nog gebouwd worden. De zandbaan was al aangelegd zie ik op de foto. De foto moet dan ongeveer in 1949 / 1950 zijn gemaakt.

Ik behoor in het gezin van tien personen tot de ‘jongste drie nakomertjes’, ook vaak betiteld met ‘De verwende drie’. Dat kwam eigenlijk maar door één ding en dat was dat wij drietjes in onze jeugdjaren geen wortels en bonen hoefden te punten voor Lucas Aardenburg, wat de overige vijf kinderen na schooltijd wel allemaal moesten. Op het moment dat ik deze bijdrage schrijf, loopt de expositie in de bibliotheek over Aardenburg en daarin wordt uitgebreid ingegaan op de huisvlijt in Hoogeveen door de komst van Lucas Aardenburg oftewel conservenfabriek De Kennemer.

Huisvlijt in Brabant

Waar ook veel huisvlijt plaatsvond tot in de zestiger jaren van de 20ste eeuw is Noord-Brabant. Eindhoven bijvoorbeeld stond bekend om de huisvlijt met betrekking tot de sigarenindustrie. Er bestonden in 1950 in Eindhoven alleen al 45 sigarenfabrieken. Zij lieten hun werkzaamheden nog deels in huisvlijt uitvoeren. Van al die bedrijven en bedrijfjes zijn Karel I en Willem II wel het langst in beeld gebleven. Niet meer in Eindhoven overigens.

Al die kleinere merken moesten zich natuurlijk onderscheiden van de concurrentie en naast de kwaliteit van de sigaar, deden ze dat vrijwel allemaal met de beeldmerken op hun sigarendozen en de bijbehorende reclamematerialen als etalagekartons en -displays, posters en emaillen muurborden.

Aïda

Een van de allermooiste etalage- of toonbankdisplays uit de museumcollectie van Michielreclame op Buitenvaart vind ik wel het circa 60 x 80 grote bord dat op de foto hierbij is afgebeeld. Het is ontworpen door Jacob Jansma. Hij heeft een groot en uitgebreid oeuvre, want naast affiches en borden voor de tabaksindustrie ontwierp hij ook veel veiligheidsposters voor fabrieken, posters voor de zending en de volksgezondheid. Dit bord is daarom zo mooi, omdat het een toonbeeld is van schoonheid. De zelfbewuste vrouw in de jaren twintig van de 20ste eeuw. Kapsel en kleding geheel in charlestonstijl. Een vleugje Jugendstil nog. Met een erotische blik staat AIDA op de voorgrond afgebeeld, terwijl een mannelijke silhouet achter haar op de achtergrond een sigaar rookt. Het gaat dus meer om háár schoonheid dan om de kwaliteit van de sigaar. Aïda kennen we natuurlijk allemaal ook nog van de opera die Verdi in 1871 schreef over deze mysterieuze slavin van prinses Amneris.

Het is dus de schoonheid van deze prinses die mannen over de streep moet trekken om dit merk sigaar te gaan roken. Hoe simpel laat een mannengeest zich verleiden!

Nieuws

menu