Debat Hoogeveense politici over welzijn brengt geen vuurwerk

Hoogeveen – Na de presentatie van het boek ‘Iedereen doet mee’ over welzijnswerk in Hoogeveen gingen de lijsttrekkers van alle politieke partijen in Hoogeveen zaterdag met elkaar in debat over de beleidsspeerpunten van de Stichting WelzijnsWerk Hoogeveen.

Gespreksleider Serge Vinkenvleugel begon met vragen waar alleen ja of nee op geantwoord kon worden en daarna bespraken de politici diverse stellingen op het gebied van welzijnswerk. Echt vuurwerk leverde het debat in de tent aan de Hoofdstraat niet op. Ard Sprinkhuizen, associate lector van InHolland debatteerde ook mee.

De meningen van de partijen over de meeste stellingen liepen niet veel uiteen. Bij een enkele stelling was er sprake van enig meningsverschil. Het debat verliep dan ook in betrekkelijke harmonie. De stellingen behoorden min of meer bij de beleidsspeerpunten van de SWW, namelijk het terugdringen van armoede en schulden, kansen voor kinderen en het versterken van de informele zorg / vrijwillige inzet.

Regelarme bijstand

Bij het ja of nee rondje waren alle partijen het eens met het hanteren van een ruimer armoedebeleid, waarbij gekeken wordt naar het besteedbaar inkomen in plaats van het bruto inkomen. Ook was men voor een regelarme bijstand, waarbij gestimuleerd wordt dat bijverdienen in de bijstand niet direct leidt tot een boete of maatregel, maar bijdraagt om uit de bijstand te komen. Alle partijen vinden eveneens dat zzp’ers rond de armoedegrens financieel moeten worden geholpen.

Discussie

Op de vraag proef basisinkomen of sociale bijstand, antwoordden acht partijen met ja en alleen de VVD antwoordde ontkennend. Over de stelling: hoge schuld, dikke bult, er volgt huisuitzetting na drie maanden huurachterstand, ontstond enige discussie. De VVD vindt dat dat kan, mits er een goed beleid is. De andere partijen denken daar iets anders over en ook Ard Sprinkhuizen vindt huisuitzetting in een dergelijk geval niet zo zinvol. ‘Een huisuitzetting is erg duur en het is vaak funest voor de leefbaarheid in de buurt. Het lost vaak niets op. Mensen kunnen vaak geen goede keuze maken en ze kunnen de verantwoordelijkheid vaak niet dragen. In een gezin met kinderen worden de kinderen niet zelden de dupe.’

Daarna werd er gediscussieerd over de ouderenzorg en de buurtzorg. Sommige partijen vinden dat eenzaamheid bij ouderen vooral door vrijwilligers en de buurt zelf voorkomen kan worden, maar andere partijen willen meer budget voor activiteiten voor ouderen en vinden dat de Gemeente hierbij een belangrijke taak heeft. Ook bij het functioneren van buurthuizen en wijkcentra vinden sommige partijen dat de overheid zich daarmee zo weinig mogelijk moet bemoeien. Ard Sprinkhuizen vindt daar een gevaar in zitten. ‘Dat pakt vaak niet goed uit. Het is niet altijd gezellig, hoor. Soms wordt er voor een eigen kliek gekozen en worden mensen uitgesloten.’ Na het debat spoedden de politici zich naar hun eigen kraam, die op de Hoofdstraat stond om het winkelend publiek te informeren over de standpunten van hun partijen.