Hoogeveen bekent kleur: ‘Wij hebben amper gay-vrienden’

Hoogeveen - Sinds kort is Hoogeveen Regenbooggemeente. Daarmee wil de gemeente een signaal afgeven dat zij zich sterk maakt voor de veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van lesbiennes, transgenders, biseksuelen en homoseksuelen.

Dit zijn de zogenoemde LHBT-inwoners. Het homo-echtpaar Michael van Zwol en Jeffrey Kuipers vond dit een bijzonder moment om meer mensen uit deze doelgroep voor het voetlicht te brengen en klopten bij de Hoogeveensche Courant aan. Zij bijten deze week zelf de spits af in deze rubriek.

Hoe oud was je toen je je coming out beleefde?
Jeffrey: ‘Ik was 13 toen ik het thuis vertelde. Ik heb een brief geschreven en heb die op tafel gelegd toen mijn ouders een avondje uit waren. De volgende ochtend zei mijn moeder: ‘dat vermoeden hadden we al jaren’.’
Michael: ‘Ik was 20. En ik vond het heel moeilijk. Ik was verliefd geworden op Jeffrey, maar ik moest ook de verwachting van mijn ouders bijstellen. Het voelde alsof ik in een leugen geleefd had.’

Hoe oud was je toen je je realiseerde dat je anders geaard was?
Jeffrey: ‘Ik heb het altijd geweten. Niet dat ik op mijn vierde dacht: ‘ik wil een handtas’, toch voelde ik me anders dan de jongens om me heen. Terwijl zij gingen voetballen en ravotten, stond ik met een bus haarlak in mijn hand Tina Turner na te doen.’
Michael: ‘Zo rond mijn 10e begon bij mij te dagen dat ik aandacht van jongens eigenlijk veel leuker vond dan van meisjes. Maar op die leeftijd is dat nog heel onschuldig.’

Hoe waren de reacties in je directe omgeving?
Jeffrey: ‘Goed. Ik heb er nooit problemen mee gehad. Mijn ouders hebben me er altijd in gesteund.’
Michael: ‘Mijn vader had iets langer nodig om te wennen dan mijn moeder. Hij vond het best wel een dingetje. Kon zich ook niets voorstellen van een man met een man, intiem. Maar na een poosje draaide dit bij.’

Ben je weleens gediscrimineerd, gepest vanwege je geaardheid?
Jeffrey: ‘Ja op school weleens. Had je een paar van die gozers die het nodig vonden om je na te schelden in de gangen van het lyceum. Ik heb toen wel een muur opgetrokken. Keihard en altijd de bek op scherp. Afweermechanisme.’
Michael: ‘Toen ik nog in de kast zat was ik heel kwetsbaar. Ik heb best veel last ondervonden van mensen die hun vermoedens in je face uitten, met een sneer. Maar toen ik eenmaal out was raakte me het niet meer. Het viel me ook reuze mee, mijn coming out. Had ik daar nu zo tegenop gezien?’

Heeft je geaardheid invloed gehad op werk, school, of iets dergelijks?
Jeffrey: ‘Jazeker, wij kunnen tekeer gaan als wijven, maar ook zo hard zijn als echte kerels. Die tweeledigheid in onze emoties helpen ons zeker bij het sociale deel van ons werk. En de humor. Homo-humor is te leuk. Vals, hard maar nooit gemeend. Drama is ons ding, zeg maar.’
Michael: ‘We voldoen volkomen aan het stereotype top-kapper. Hip, handig en hartstikke homo. Daar gaan ze gewoon eerder in de stoel zitten dan bij een hetero. Mensen gaan er van uit dat je het in de vingers hebt.’

Wat is het grootste nadeel van ‘anders’ zijn?
Jeffrey: ‘Ik voel me niet anders. Al hoor ik wel vaak, nog steeds: ‘wie van jullie is het mannetje en wie het vrouwtje?’ Het is maar net wie er bovenop ligt, roep ik dan altijd.’
Michael: ‘Het oordeel van de mensen op straat. Dat is vooral als je jong bent moeilijk. Mensen zijn keihard en de aanhoorder vaak kwetsbaar.’

Wat is het grootste voordeel van ‘anders’ zijn?
Jeffrey: ‘Wij hebben ons leven zo in kunnen richten dat we toe kunnen geven aan onze creativiteit. Ik geloof echt wel dat dat verbonden is met het gay-zijn. Styling, interieur, het is een soort zevende zintuig.’
Michael: ‘Ik heb leren waarnemen zonder oordelen. Omdat we zelf niet veroordeeld willen worden. Ieder mens moet zichzelf kunnen zijn.’

Hoe ontmoet je gelijkgestemden? Uitgaan, daten, online?
Jeffrey: ‘Ik ontmoet mensen bij voorkeur in een cafetaria, hahaha.’
Michael: ‘Dat zou in Hoogeveen online daten worden, want er is geen uitgaansgelegenheid voor homo’s. Al zijn wij ook niet van die tenten. Wij hebben amper gay-vrienden, gek genoeg.’

Wat zou volgens jou moeten gebeuren om de emancipatie te verbeteren?
Jeffrey: ‘Voorlichting. Onbekend maakt onbemind.’
Michael: ‘Zolang er culturen zijn en religies zijn die anders geaarden sterk veroordelen is het belangrijk te tonen dat we er zijn, dat we meedoen. En we moeten zorgen dat het in de toekomst makkelijk blijft om er voor uit te komen.’

Er is in Hoogeveen niks op het gebied van support voor anders geaarden. Zou dit moeten en wat zou je graag ontwikkeld zien worden?
Jeffrey: ‘Ik zou zelf nooit naar een COC-achtige club gaan, maar ik had het ook niet nodig. Als je in een omgeving zit waar homoseksualiteit niet geaccepteerd wordt, lijkt het me goed om begeleiding te krijgen van ervaringsdeskundigen en soortgenoten.’
Michael: ‘Het begint bij voorlichting op scholen, informatie. Het taboe, wat er soms toch nog is, doorbreken en hard optreden bij pesten.’

Jeffrey: ‘Ik heb in de afgelopen jaren zoveel jongeren ontmoet die er toch moeite mee hebben om te zijn wie ze zijn. Ik vind dat het primaire recht van de mens. Gay of niet gay. Als we hier iemand mee kunnen helpen dan doe ik dat graag.’
Michael: ‘Sluit ik me volkomen bij aan.’

Welk advies zou je een ander willen geven die worstelt met zijn of haar coming out?
Jeffrey: ‘Doe het gewoon, het valt reuze mee. Meestal.’
Michael: ‘Neem iemand in vertrouwen. Gedeelde smart is halve smart. In je hoofd maak je het vaak groter dan het is, een nuchter iemand kan je daarin goed helpen.’

Hoe zie jij de toekomst voor je en denk dat je we moeten strijden voor de emancipatie en acceptatie of denk je dat het allemaal wel goed komt zonder aandacht voor dit onderwerp?
Jeffrey: ‘Ik heb zelf het idee dat het in onze tijd makkelijker was. Je hoort en leest regelmatig over homo-gerelateerd geweld, de Arabische cultuur die in opmars is is ook niet bijster pro-gay. We moeten het onder de aandacht blijven brengen.’
Michael: ‘Zeker moet er aandacht aan besteed worden. Zorg dat dingen bespreekbaar blijven, praat.’