Bewoners azc verwelkomen 'buren' met open armen én lekkernijen

Hoogeveen - Niets dan stralende gezichten vandaag op de open dag van het azc Hoogeveen. Het COA heeft de landelijke Burendag aangegrepen om diverse azc's open te stellen voor publiek. Ook in Hoogeveen worden buren met open armen ontvangen.

Ook al spreekt nog niet iedereen even goed Nederlands; hallo, welkom en hoe gaat het met u beheerst iedereen. Bovendien maken de breed lachende gezichten veel woorden overbodig. 'Ze vinden het zo fijn om iets terug te kunnen doen voor de Hoogeveense bevolking', zegt locatiemanager Danielle Weisbeek bij binnenkomst.

Eten met de handen

En dat is te merken. Een bewoonster met een schaal hapjes schiet op twee meiden af, wanneer zij een van de keukens binnen stappen. Veel draait om eten tijdens de open dag. Al dagen is er gewerkt om alles voor de bezoekers af te krijgen. En die proeven naar hartenlust. Er zijn diverse keukens ingericht. Zo is er een Arabische, Perzische en Afrikaanse keuken waar op aaneengeschoven tafels gerechten en hapjes geserveerd worden. Zoete koekjes met dadel of kaas en tal van gerechten met exotische namen of naamloos. En allemaal lekker. Eten met mes en vork? Nee hoor. Sommige gerechten worden traditioneel met de handen gegeten. De Hoogeveense Daniëlle ten Caat moet figuurlijk gezegd oppassen haar vingers er niet bij op te eten. 'Ik had niet in Nederland geboren moeten worden', zegt ze lachend. 'Die Nederlandse pot vind ik niets. Dit, dit is lekker', zegt ze terwijl ze op het knalroze plastic bordje nog een stukje Afrikaanse pannenkoek (injira) met vlees opvouwt met haar vingers. 'En wat zijn de mensen gastvrij.'

Moeders met jonge baby's

De Hoogeveense is onder de indruk. 'Ik ben hier nog nooit geweest. Vorig jaar moest ik werken. Dit jaar heb ik het direct in mijn agenda gezet. Zo knap ook hoe ze dit van een gevangenis hebben omgebouwd tot een opvangcentrum. En geslaagd, want er hangt een fijne sfeer. Wat ook opviel is hoe gastvrij wij als bezoekers ontvangen worden. En al die moeders met die baby's, wat een lieve popjes. Ze ontroeren me. Ik zag net een moeder met een hele jonge baby. Wonen hier voornamelijk gezinnen?' Een medewerkster van het COA schudt haar hoofd. 'Het is heel verschillend. Ik werk veel met alleenstaande minderjarigen (amv'ers). Maar vorige week is er nog een bewoonster bevallen en we hebben ook oude bewoners. Zelfs een uit 1930!'  

In de gang poseren twee vriendinnen voor de fotograaf. Nur (11 jaar) komt uit Irak en Narjes (10 jaar) uit Koeweit. Het is echt een feest voor de meiden. Alles aan de open dag vinden ze leuk. 'Vooral het bezoek van de Nederlandse mensen. Ze hebben allerlei vragen en willen ons eten proeven.' De twee meisjes zitten allebei op De Weidebloem en hebben het Nederlands al goed onder de knie. 'Binnenkort mag ik naar een andere klas, want ik ben al bijna niveau 20. Ik heb ale boekjes doorgewerkt', vertelt Narjes trots.

Wachten op verblijfsvergunning

In de Arabische keuken kijkt de 10-jarige Rafal uit Irak haar ogen uit. 'Ik heb nog nooit zo veel mensen hier gezien', vertelt ze nadat ze uitleg gegeven heeft over de hapjes die op tafel staan. Zelf heeft ze nog niet mogen meehelpen ze te bakken, maar dat geeft niet. Haar vader kijkt trots toe hoe de jonge meid vertelt over haar familie. 'We wonen hier nu twee jaar en wachten nog altijd op een verblijfsvergunning. We komen uit Irak en daardoor is het moeilijk. Mensen uit Syrië krijgen heel snel een verblijfsvergunning. Het voelt een beetje oneerlijk', geeft ze ruiterlijk toe. Het gezin is gezamenlijk Irak ontvlucht. Vader wijst zijn familie aan. Zijn vrouw staat met een schaal vol dadelkoekjes te praten met een Nederlandse vrouw. 'We hebben vier kinderen, drie meisjes en een jongen. Mijn dochter Rehane is vandaag drie jaar geworden', zegt hij stralend.

Koffie volgens Afrikaanse traditie

In de Afrikaanse keuken trekt een vrouw in klederdracht direct de aandacht. Op de grond staat een houtskoolbrandertje waarmee zij op traditionele wijze koffie zet. Pittige koffie, met suiker. In de tuit van de stenen koffiepot zit een bosje rode draadjes, vermoedelijk saffraan. In kleurige kleine kommetjes zonder oor wordt de bloedhete koffie geserveerd.

'Ik voel me gevangen'

'Warm hè', lacht Rstom uit Eritrea. Hij is een van de weinige bewoners uit dit land die de Engelse taal vloeiend spreekt. Zijn zwarte kroeshaar piekt vrolijk alle kanten op. Rstom heeft een verblijfsvergunning, maar wacht nog altijd met smart op een woning in een dorp in de buurt van Utrecht.  'Het leven in het azc is moeilijk. Ik voel me gevangen. Ik ga er dan ook graag opuit. Naar het centrum of naar Nederlandse vrienden. Zo'n dag als vandaag maakt me helemaal happy. Het voelt als een feest. Ik vind het fijn om mensen te ontmoeten.'

'Je bent gewoon allemaal mens'

Dette Boiten uit Hoogeveen is ook al dagen bezig met hand- en spandiensten voor de open dag. 'Ik voel me hier thuis. Samen dingen doen, het voelt als opgenomen worden in een grote familie.' Bij het koken was haar hulp afgelopen niet hard nodig. 'Ze zijn gewend te koken voor meer personen en zijn heel zelfstandig. Ze weten heel goed hoe ze het moeten aanpakken. Iedereen deed zijn ding en ik hoefde niet zoveel te doen. Ik heb bijvoorbeeld wel knoflook gepeld, ben op zoek gegaan naar huishoudfolie en heb thuis extra pannen en schalen opgehaald. Je doet wat je regelen kan. Dat vind ik zo fijn van deze mensen. Je hoeft je niet mooier voor te doen, het maakt ook niet uit wat je draagt bijvoorbeeld. Dat is allemaal niet belangrijk. Je bent gewoon allemaal mens.'

'Ze zeggen dat wij hier alleen zijn voor het geld'

Buiten bij de uitgang brengt Mushtaba (15) lekkernijen naar de medewerkers van het COA. In een wit papieren servetje houdt hij met twee handen een tiental koekjes vast. Hij blijkt de broer van Rafal te zijn. Het Irakeese meisje uit de Arabische keuken. Mushtaba wil mensen bedanken ook al vindt hij het leven in het azc moeilijk. 'Mensen zeggen dat wij hier alleen zijn voor het geld, dat is niet zo', vertelt hij gekwetst. 'Wij komen uit Irak en we weten nog altijd niet of we een verblijfsvergunning krijgen. Ik blijf liever veilig in Nederland. Ik heb hier familie. Mijn nichtje Imani stond in de finale van The Voice Kids.' Hij pakt zijn telefoon en zoekt het YouTube-filmpje van de auditie op. Even later vervolgt hij zijn verhaal. 'Het zijn spannende tijden voor mijn familie. Vorige week kregen we een brief dat we voor de 23ste wat zouden horen van de IND. Nu wordt het volgende week.'

Levende bom

Hij is bang terug te moeten naar Irak. 'Mijn vader heeft gewerkt met Amerikanen en daarom willen ze hem doden. Ze hebben geprobeerd een levende bom van hem te maken, maar dat is gelukkig mislukt. Ik ben bang dat als we terug moeten ze ons kidnappen om mijn vader te chanteren. Dat gebeurt in Irak.'  Hij stopt een koekje in zijn mond. 'Het valt niet altijd mee. Soms wordt het me wat te veel en dan moet ik ook nog leren en huiswerk maken. Ik word snel boos. Dan ga ik voetballen. Ik voetbal bij vv Hoogeveen.' Mushtaba klaart weer op en kijkt vooruit. 'Ik wil apotheker worden, maar nog liever profvoetballer.'