Bijzonder Boeren: ‘Ik kan de druiven wel de grond uit kijken’

Linde - Wie over de Linderveldweg rijdt, zal het vast opgevallen zijn. Driehonderd wijnrankjes sieren de tuin van een prachtige woning aan de straat. Het is het huis van Hans (37) en Willeke van der Jagt (42).

Hans had altijd al de droom om zelf wijn te gaan maken. Toen ze deze woning zagen wisten ze: hier hebben we ruimte genoeg. Wijngaard Linderveld wordt werkelijkheid.

De bladeren van de Rondo, een blauwedruivenras, klimmen langzamerhand tegen de bamboe stokken aan. De 300 planten zijn een paar maanden geleden de grond ingegaan en doen het goed. Zo goed zelfs, dat Hans regelmatig alles bij moet snoeien omdat de planten hard groeien. ‘De ondergrond is keileem en dat vinden de druivenplanten blijkbaar heerlijk. Gelukkig hebben we drainage aangelegd. We twijfelden daar nog over, omdat we dan een jaar langer bezig zouden zijn met voorbereiden, maar ik weet nu al dat het een goede keus is geweest. Druiven houden niet van natte voeten.’

Geduld

Hans moet nog vier jaar geduld hebben voordat hij wijn kan maken. ‘De eerste paar jaar kunnen er nog geen druiven geoogst worden. De kracht moet eerst in het wortelgestel gaan zitten. Ik moet wachten en ja, dat is moeilijk. Ik kan de druiven wel de grond uit kijken’, vertelt hij lachend. Willeke vult aan: ‘Hans heeft al zo weinig geduld. Dat maakt het extra lastig.’

In de vier jaar die Hans nog moet wachten, kan hij genoeg doen. Hij is meubelmaker en handig met hout en dus knutselt hij een schuur achter het huis in elkaar, compleet met wijnkelder, waar de wijn gebrouwen kan worden en waar over een paar jaar proeverijen gehouden kunnen worden. Ook komen er aan de rechterkant van het huis nog driehonderd planten bij, ook het ras Cabernet Canto. Aan de linkerkant komen witte druivenplanten. Welk ras dat wordt,weet Hans nog niet. ‘Wel druiven waarvan ik een zoete dessertwijn kan maken. Een met muskaatsmaak. Daar zijn Willeke en ik dol op.’ Dat ze gaan groeien weten ze zeker. ‘Beide delen van de tuin krijgen zon vanuit het zuiden.’

Niet met de voeten

Het persen gaat straks bij Wijngaard Linderveld niet met de voeten. ‘Alhoewel ik eerlijk moet zeggen dat dat de beste manier is om de druiven te pletten. Met de voeten gaan de pitten niet kapot en daardoor komt de bittere smaak uit de pitten niet in de wijn terecht. Maar wij doen het hier op een andere manier’, vertelt hij met een knipoog. ‘Er zijn genoeg andere manieren om te zorgen dat de wijn niet bitter wordt.’ De schuur springt, ondanks dat het nog niet af is, in het oog. Het gedeelte waar de wijn gemaakt gaat worden moet nog geïsoleerd worden. ‘Rond de 20 graden gisten de rode druiven het beste. Het skelet van de schuur mag er dan wel staan, het blijft een hele klus. Gelukkig heb ik nog even de tijd.’
Hans wilde altijd al wijn maken. Van 1995 tot 2002 woonde hij in Australië.

‘Mijn ouders emigreerden in 1995 en ik ging mee. Werk kreeg ik bij een wijngaard en daar heb ik van alles geleerd. Toen ik in Nederland op een feestje was, leerde ik Willeke kennen. Ze is enig kind en kon niet met me mee ‘down under’. Voor haar ben ik naar Nederland teruggekeerd.’ Het echtpaar ging in Dedemsvaart wonen, maar na een paar jaar kreeg Hans het er echt benauwd.

Ruimte

‘In Australië was ik ruimte gewend en toen we in een twee-onder-een-kap gingen wonen in een dorp miste ik de ruimte echt. Het vrije uitzicht. Vandaar dat we rond zijn gaan kijken naar een ander huis. Toen we dit zagen waren we verkocht.’ Logisch, want vanuit de achtertuin kijk je op de weilanden uit. Ook voor het huis is in de winter vrij uitzicht, als het maïs gemaaid is. ‘Ik zag meteen de grote tuin en wist gewoon: hier kan ik druivenplanten kwijt. En niet een paar, maar heel veel.’

Hans heeft zoveel kennis van wijn, dat hij als ze uit eten gaan, er altijd een raadsel van maakt. ‘Ik vraag altijd een bijpassende wijn. Dan proeven en raden wat voor wijn het is.’ Hij glimlacht er bescheiden bij. Willeke: ‘Hans laat ons elke keer weer versteld staan hoeveel hij weet. Hij is sowieso goed met smaken, daarom is hij ook de kok in huis.’ Hans en Willeke hebben al uitgerekend hoeveel flessen wijn ze straks van de druivenopbrengst kunnen vullen. ‘Rood ongeveer 1200 en wit ongeveer  600. De flessen gaan als streekwijn in de verkoop, maar ze zijn er ook voor eigen gebruik.’ Willeke knikt. ‘Ongeveer een per dag? zegt ze lachend. Hans lacht mee. ‘Hoeveel houden we over? Genoeg voor de verkoop toch?’