Moestuinen zorgen voor leven in brouwerij

Hoogeveen - Het moestuinenproject bij het Jannes van der Sleedenhuis locatie Wolfsbos is een succes. Gestart werd met zes moestuinbakken, maar al snel kwamen er twee bij.

Om wat kleurigheid te brengen in de parkachtige omgeving van het woonzorgcomplex, zijn er inmiddels ook  vier bloembakken gerealiseerd. De hoop is in de toekomst bij elk bankje in het park rondom het Jannes een fleurige bloembak te kunnen plaatsen.

Het idee was om ook de buurt bij het moestuinenproject te betrekken. Dat bleek makkelijker gezegd dan gedaan. Er werden verschillende oproepen gedaan, maar er kwam niemand op af. Ook het idee om basisscholen erbij te betrekken, pakte anders uit. Een klas bood hulp aan, maar het had niet het gewenste resultaat. Dieleke: ‘De kinderen waren niet te houden.’

Dat betekent dat het vooral op de bewoners van het Jannes aankomt. ‘En daarmee is het project fragiel, want het zijn tenslotte mensen van de dag’, beseft initiatiefneemster Dieleke Campmans, activiteitenbegeleidster van het Jannes van der Sleedenhuis locatie Wolfsbos, maar al te goed. Toch ze is blij met het project. ‘Ons doel is om mensen in beweging te krijgen en houden en dat lukt hiermee. Daarbij is het ook goed voor de sociale contacten. De tuintjes geven stof tot praten en juist dat maakt het zo leuk.’

‘Harde kern’

Regen valt op dat moment gestaag naar beneden. Alles oogt fris en groen én groeit gestaag. Binnen, in de centrale hal, zitten Roelof en Bé Gruppen, Truus van de Belt, Sjoeke Wieringa, Ko van Dienst en Dieleke Campmans achter een kop koffie of thee. Het is de ‘harde kern’ van het moestuinenproject. Roelof Gruppen was de allereerste bewoner die zich als vrijwilliger meldde. ‘Tot mijn 22e was ik boer, maar omdat er geen boerderij te koop of te huur was, ben ik wat anders gaan doen. De liefde voor het boerenleven is gebleven. Toen ik hoorde over het moestuinenproject dacht ik direct: dat is iets voor mij.’ Dan grapt hij: ‘Dieleke heeft ons aan het werk gezet.’ Truus van de Belt vult aan: ‘Maar we doen het graag hoor. Het is leuk om iets om handen te hebben.’

Langzaam maar zeker raakten meer mensen enthousiast. Ieder heeft als het ware een bak geadopteerd. Dat betekent dat iedereen ook die bak bijhoudt. Maar ook andere bewoners willen nog wel eens een handje helpen, zoals het eruit plukken van dode bloemetjes.

Niet veel later toont Roelof Gruppen trots ‘zijn’ bak. ‘Gisteren heb ik de grond nog keurig los- en aangeharkt, maar door de regen ziet het er nu niet meer zo mooi uit’, zegt hij verontschuldigend. Zijn vrouw Bé wijst naar de rode bieten. ‘Kijk eens hoe groot die al zijn. Die zijn mijn favoriet.’ Er groeien worteltjes, boontjes, sla, venkel, radijsjes, pastinaak, andijvie, gele knolletjes en meer. Dieleke kijkt wat er te koop is aan zaadjes en dat gaat de grond in. Ook werd dankbaar gebruik gemaakt van de AH moestuinbakjes. Onlangs is ook een klein gedeelte van het gras omgespit en voorzien van pompoenplantjes. De plant zit vol bloemen, dus dat belooft veel goeds.

Keuken

De groenten uit de bakken gaan naar de keuken van het restaurant in het Jannes, die het verwerkt in de maaltijden. Soms is er een maaltje over, dat dan op een tafel op het plein wordt aangeboden. Dieleke: ‘Daar vragen we een vrijwillige bijdrage voor. Met het geld dat dat opbrengt kan ik weer nieuwe zaadjes kopen.’
Jammer vinden de ouderen de overlast van jeugd. Hangjongeren zorgen nogal eens voor rommel, zoals peuken tussen de plantjes. ‘Het zijn kwajongensstreken, maar het is wel eens lastig.’

Mocht het moestuinproject, om wat voor een reden dan ook, toch niet meer zo’n succes zijn, dan kunnen er altijd nog hortensia’s in de bakken. ‘Dat is ook mooi’, reageren de bewoners enthousiast in koor. Dieleke reageert quasi vermanend: ‘Maar dat gaan we niet doen.’

De hoop dat zich toch nog iemand van buitenaf meldt voor wat extra hulp, is nog niet opgegeven. ‘Het zou fijn zijn wanneer er vrijwilliger is die het zware werk wil doen.’ Belangstellenden kunnen zich melden bij het Jannes van der Sleedenhuis locatie Wolfsbos.