Predikantenechtpaar Teus en Maja Brienen-van Oord 65 jaar getrouwd

Hoogeveen - Teus en Maja Brienen-van Oord waren maandag 65 jaar getrouwd. Op hun hoge leeftijd zijn Teus (90) en Maja (89 jaar) God heel dankbaar voor alles wat ze in hun leven hebben mogen ontvangen.

„Wij zijn blij en dankbaar voor hun liefde, geloofsvoorbeeld, meeleven en toewijding aan ons, kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen. Alle reden om dit bijzondere jubileum met elkaar te vieren, ook al zal dat anders gaan dan hun vorige jubileum door de coronatijd”, vertelt dochter Mieke van Herwijnen-Brienen die naast haar ouders woont.

Zondagsschool

Teus en Maja Brienen, beiden geboren in Werkendam, ontmoetten elkaar op de zondagsschool waar ze allebei leiding gaven. „Mijn vader ging theologie studeren in Apeldoorn en mijn moeder werd coupeuse. Na de zesjarige studie van mijn vader zijn ze getrouwd en verhuisd naar Mussel. Op hun trouwdag, 26 oktober, zijn ze na de maaltijd 's avonds vanuit Werkendam met een gemeentelid uit Mussel, die een taxibedrijf had, meegereden naar hun nieuwe huis.” Een rit die het bruidspaar zich nog herinnert: „Ze hadden in de auto ook veel geschenken meegenomen. Onder anderde een schilderij dat op de hoedenplank lag en in hun nek duwde.”

In Mussel werden ze opgewacht door gemeenteleden en de volgende morgen heel vroeg kwam er een buurmeisje een mandje met ontbijt brengen. In Mussel zijn drie kinderen geboren. „Mijn moeder waste nog met de hand, maar ze had wel een centrifuge. Water kwam uit een pomp in de (bij)keuken. Mijn vader had een groentetuin. Ze hadden mooie contacten met gemeenteleden en buren. Ze maken nu nog steeds graag een ritje naar het Groninger land.”

Villa Jeannette

In 1962 kwam een beroep uit Apeldoorn, waarop de familie verhuisd is naar Villa Jeannette. „Een groot huis aan de Arnhemse Weg. Maar als het regende, lekte het overal. In Apeldoorn werd ik als jongste van het gezin geboren. Mijn ouders hadden daar goede contacten met de buren, familie Boot. Gedurende deze jaren studeerde mijn vader, naast zijn werk in de gemeente, om zijn doctoraal theologie te halen.”

In 1967 verhuisde het gezin naar Groningen. „We woonden in het centrum van de stad, in de pastorie naast de Jeruzalemkerk in de W.A. Scholtenstraat. We woonden 5 minuten van de Martinitoren, de V&D en de Grote Markt. Mijn ouders hebben volop genoten van het leven en werken in deze grote stad. Hier ontstond een bijzondere vriendschap met de overburen, de familie Oving, van de Vergadering der Gelovigen. Ja, mijn ouders keken ook over kerkelijke grenzen heen. In Groningen had mijn vader twee geweldige collega's die ook vrienden van hem werden, ds. Rebel en ds. Steenbergen. Daarnaast had mijn vader mooie contacten met de predikant van de Nederlandse Gereformeerde Kerk in Haren, ds. Visée. Mijn moeder was actief in de vrouwenvereniging en ging vaak met mijn vader mee op bezoek. Ook volgde ze in deze periode enkele creatieve cursussen (sieraden maken). Mijn moeder naaide en breide veel van onze kleren.”

Dissertatie

In deze periode werkte Teus gestaag aan zijn promotieonderzoek. In 1974 promoveerde hij tot doctor in de theologie. „Als kinderen hebben we meegeholpen met het schrijven van zijn dissertatie. Wij moesten de tekst voorlezen, zodat mijn vader het kon uittypen op zijn oude zwarte typmachine. Ik herinner me nog steeds enkele passages uit mijn vaders boek over de Prediking van de Nadere Reformatie.”

Na 10 jaar kwam een beroep uit Kampen en verhuisden we als gezin naar de Hanzestad. In deze jaren begon mijn vader les te geven aan de Theologische Hogeschool in Apeldoorn. Dat heeft hij uiteindelijk 17 jaar mogen doen. Ook zette hij zich erg in voor gesprekken met Israel en de Joden. Met mijn moeder is hij een aantal keren in Israel geweest. Ook vond hij de samensprekingen met andere kerken, vooral de Nederlandse Gereformeerde Kerk, van groot belang. De gemeente in Kampen had contacten met kerken in Hongarije. Mijn ouders zijn zo ook een aantal keren naar Hongarije geweest voor hulpverlening. Hongarije lag toen nog achter het IJzeren Gordijn.

„Op zijn 50e verjaardag kreeg mijn vader van mijn moeder een schildersezel met toebehoren, zodat hij zijn oude hobby weer zou kunnen oppakken. In Kampen zijn de oudste twee kinderen getrouwd en is hun eerste kleinkind geboren.”

In 1982 verhuisden het paar met twee kinderen naar Gorinchem. Hier werd gekerkt in een heel oud kerkje in het centrum van de stad: de Heilige Geest Kapel. Al gauw kwamen er bouwplannen voor een nieuwe kerk. Er werd een pand aangekocht, dat met vereende krachten werd verbouwd. „Mijn ouders hebben meegeholpen met strippen, sjouwen en bouwen.”

Handwerken

In Gorinchem ging moeder Maja weer meer handwerken. Ze maakte wandkleden en later begon ze met haar grote hobby: quilten. In hun huis hangen nu nog steeds prachtige kleden van haar. In die jaren heeft Teus een aantal keren lesgegeven op de Universiteit van Cyprus en ging hij ook lesgeven op de Evangelische Hogeschool in Amersfoort. In de Gorinchemse tijd trouwden ook de twee jongste kinderen en warenze weer met z’n tweeen.

In 1990 werd Teus daar docent en had hij geen gemeente meer. Na 2 jaar hield het docentschap op en in 1994 kwam een laatste beroep uit Amsterdam-Nieuw-West. Het predikanten echtpaar verhuisde toen naar Badhoevedorp. „In deze gemeente heeft mijn vader tot zijn 67e met veel enthousiasme en inzet gewerkt. Ze vonden het heerlijk om door Amsterdam te lopen en te werken in deze hoofdstad. Ook hier waren de contacten warm en intens met de gemeenteleden.”

Verhuisd naar Hoogeveen

„Na het emeritaat van mijn ouders zijn ze in Hoogeveen gaan wonen aan de Gruythuysenlaan, in een mooie seniorenwoning met een grote tuin. Mijn vader had naast het schilderen nog een grote hobby, en dat is tuinieren. Dat heeft hij hier met hart en ziel kunnen doen. Mijn moeder had een eigen quiltkamer en zo hebben ze hier veel jaren met plezier gewoond. In de loop der jaren zijn er nog twaalf kleinkinderen bij gekomen en twee achterkleinkinderen.

Samenwonen

In 2013 kregen zij van hun jongste dochter en haar man de vraag of ze met hen samen wilden gaan wonen, met het oog op de komende ouderdom. „Dat vonden mijn ouders een goed idee. Al gauw werd aan de Bentinckslaan een huis gevonden met kantoor, dat verbouwd is tot een dubbele woning. Door een tussendeur in de kamer hebben ze makkelijk contact en als er hulp nodig is, zijn de kinderen dichtbij. Zij wonen hier nu alweer 7 jaar.”

„Omdat ze kleiner gingen wonen hebben mijn ouders wel heel veel spullen weg moeten doen, onder andere het merendeel van de boeken van mijn vader en talloze quiltlapjes van mijn moeder. En dat was best verdrietig. Maar nu wonen ze hier met veel plezier.” Ze genieten er van de tuin en hebben een heerlijk zonnig prieeltje achter in de tuin waar ze vaak te vinden zijn als het even goed weer is.

Boeken

„Mijn vader heeft tijdens zijn werkzame leven als gemeentepredikant en ook daarna de nodige theologische boeken en artikelen geschreven, met name over ambt, prediking, liturgie en catechese. Zo verscheen dit jaar nog zijn 45e boek, getiteld: ‘Kansel of Tafel’.

We hopen als kinderen dat ze in deze spannende en onzekere tijden voor elkaar en voor ons gespaard blijven. Tegelijkertijd weten wij ook dat hen een beter Huis wacht als ze mochten komen te overlijden. Een Huis bij de Vader in de hemel, waar ze zelf altijd van getuigd en voor geleefd hebben.”