Kledingbank Hoogeveen heeft het drukker dan ooit

Hoogeveen - De gemeente heeft het moeilijk, financieel zit het bestuur op zwart zaad en de subsidies worden uitgekleed. De Stichting Kledingbank Drenthe heeft hier geen last van, in die zin dat er geen subsidies aan de stichting verstrekt worden.

Met hulp van donateurs, giften en vrijwilligers helpen ze mensen in nood weer ‘in de kleren’ en dat dat in de huidige tijd met tekorten, baanverlies door de coronacrisis en/of bezuinigingen harder nodig is dan ooit, merken ze zeker in het pand aan de Fabrieksweg 2a in Hoogeveen.

Secretaris Johan Veenstra vertelt: „Toen we in 2011 begonnen hadden we de winkel in de kelder van het oude Belastingkantoor. Hier hadden we verder geen kosten, maar het was ook niet optimaal. Het was er erg vochtig en het kwam regelmatig voor dat er schimmel in de kleding zat. Arie Burgraaf was de initiatiefnemer en samen met zo’n 30 vrijwilligers is het begonnen. Onze klanten komen niet zomaar bij ons. Ze worden naar ons doorverwezen door hulpinstanties die toetsen of een persoon of gezin in aanmerking komt voor deze noodhulp. De gemeente heeft dus ook baat bij onze inzet, want wij helpen mensen uit de brand, zodat ze waar mogelijk niet nóg verder in de problemen komen.”

Er klinkt wat frustratie door en dat is ook wel begrijpelijk als je bedenkt dat met het sluiten van het pand van de belastingdienst de stichting een ander onderkomen moest zoeken, maar de gemeente daar niet echt toeschietelijk was met hulp. „We hebben het pand aan de Fabrieksweg kunnen huren voor een schijntje van een belegger die wacht op een goed moment dat de grond verkocht kan worden voor woningbouw. Dan staan we weer op straat en moeten we op zoek naar iets anders. Het is niet optimaal, maar we zijn blij dat we voor een klein bedrag een ruimte hebben kunnen vinden om ons werk voort te zetten. Dat houdt wel in dat we onze klanten nu om een bijdrage moeten vragen om de kosten te dekken. Als iemand doorverwezen wordt kunnen ze voor 5 euro een lidmaatschapskaart kopen die een jaar geldig is. Bij ieder bezoek kopen ze een kaartje van 1 euro. Helaas was dat laatste nodig om er voor te zorgen dat niet dezelfde mensen iedere dag kwamen neuzen wat er voor nieuws in de rekken hing. Iedereen moet wel een goede kans hebben iets moois ‘te scoren’. De prijs van de kleding is lager dan bij Het Goed bijvoorbeeld, dus dat maakt weer veel goed.”

„Stille armoede is een sluipend gebeuren, gezinnen waarin een inkomen wegvalt door ziekte, scheiding of werkloosheid zoals nu veel speelt, hebben op papier een dusdanig inkomen dat ze niet in aanmerking komen voor een uitkering of andere ondersteunende maatregelen. Na betaling van de vaste lasten blijft er niets over voor andere zaken. De Voedselbank ziet een toename in klanten, maar dat is bij ons natuurlijk net zo. Zeker in een gezin met kinderen lopen de kosten voor kleding op en is de bodem van de bankrekening zo bereikt.”

Superteam

Aan tafel zit ook Johans partner Coby Aasman. Zij is door Johan bij de vereniging gekomen en helpt bij het coördineren van de vrijwilligers: „Er was af en toe wat discussie over wie wat deed. Onze vrijwilligers zijn zó betrokken bij de winkel, dat ze het echt als hun werk zien om alles tip top te laten verlopen. Omdat ze er niet alle dagen zijn, kwam het wel voor dat dingen dan nét iets anders geregeld waren en dat irriteerde soms. Door met elkaar in gesprek te gaan hebben we nu een superteam dat elkaar goed aanvult en de winkel mooi ingericht en goed voorzien houdt.”

Dat de vrijwilligers met hart en ziel bezig zijn en de winkel goed voorzien en overzichtelijk houden, wordt duidelijk bij een bezoek aan de winkel. De rekken zijn netjes gevuld met een afdeling voor kinderen, dames en heren. Achterin tegen een wand zijn planken voor schoenen. Alle klanten die binnen komen worden hartelijk welkom geheten. Er wordt gezellig gesnuffeld in de rekken en in niets verschilt het gevoel met een ‘normale’ winkel. Een sfeer om trots op te zijn.

De vrijwilligsters, vandaag onder leiding van Theresa, zijn druk in de weer. Achter de balie worden pasjes gecontroleerd of kleding ingepakt. Aan een grote tafel wordt de ingebrachte kleding gesorteerd. Wat is nog goed, welke maat, welk seizoen. Langs de muur staan bananendozen als sorteerbakken klaar. In een hoek ligt een bult vuilniszakken met kleding. „Het is een hele klus om alles uit te zoeken”, vertelt Theresa. „Er zit niet altijd bruikbare kleding of schoeisel in de zakken en er komt af en toe zelfs vuilnis mee. Alles wordt nagekeken om te bepalen wat waar naartoe moet. Zo hebben we alweer voorraad voor het volgend voorjaar en zomer. Als er te veel van iets is, sturen we dit weer door naar een stichting die kleding naar landen in Afrika stuurt, verder hebben we een afspraak voor het ophalen van lompen. Dit levert ook weer een bedragje op. Wat dan nog overblijft gaat naar de vuilstort.”

Dat storten van vuil is ook niet zo makkelijk. Johan Veenstra wordt er soms moedeloos van: „We moeten nu als vrijwilligers zakken wegbrengen op ons privépasje, maar dat houdt een keer op. Hopelijk krijgen we binnenkort een pasje via de gemeente en kunnen we zonder kosten het afval wegbrengen.” Ook het verkrijgen van kleding is in de gemeente niet makkelijk. „We mogen officieel geen kledingcontainers plaatsen”, vertelt Johan. „Wij hebben er één bij de Kerkboerderij die oogluikend wordt toegestaan. Verder staat er hier een voor het pand en kunnen mensen direct bij ons binnenbrengen als we geopend zijn.”

Groot concern

Op de vraag waar de kleding van de containers die bij supermarkten staan is het antwoord duidelijk: „De kleding in die bakken gaat naar een groot concern dat een contract heeft bij de gemeente. Die kleding wordt weer doorverkocht of gerecycled en dan als grondstof doorverkocht”, vertellen Johan en Coby. „We hopen dat meer mensen kleding direct aan stichtingen zoals de onze geeft. Het kost misschien iets meer moeite dan het in een container stoppen op weg naar de supermarkt, maar hierdoor kunnen we wel de mensen in onze eigen regio steunen.”

Dat het inderdaad voor de hele regio van belang is blijkt wel uit het feit dat niet alleen bewoners uit de gemeente Hoogeveen naar de Kledingbank doorgestuurd worden, maar ook bewoners van de gemeente Emmen en zelfs Assen kunnen hier in Hoogeveen terecht. Om het makkelijk te maken voor de klanten om rond te komen gaat de Kledingbank met ingang van vandaag met ‘de Euroavond’ van start van 18.00 tot 21.00 uur en deze is dan elke laatste vrijdag van de maand. „Zo hopen we meer mensen te kunnen helpen. Wat veel mensen ook niet weten is dat we een Anbi-stichting zijn en dat giften van sponsors dus voor de belasting aftrekbaar zijn. Alle informatie hierover is te vinden op onze website: www.kledingbankdrenthe.nl.”

De stichting doet goed werk, de onderlinge samenwerking is prima, het pand is redelijk warm te houden, wat blijft er nog te wensen over? „Oh genoeg”, lachen Johan en Coby. „We zoeken nog een fondsenwerver en een voorzitter, onze huidige voorzitter Jeannet Scholten is interim tot we iemand voor vast kunnen vinden. Het pand is goedkoop, maar zo lek als een mandje. In de wijk klagen de buren soms over parkeeroverlast. Verder zouden we meer sponsors zoals Kams Mode uit Coevorden willen hebben. Deze winkel houdt vlak voor de winter een 25%-actie, waarbij tegen inlevering van een gebruikte maar goede jas een nieuwe gekocht kan worden met korting. De ingeleverde jassen krijgen wij voor niets om hier in de winkel te hangen. Tja en (kinder-)ondergoed, pyjama’s en sokken, daar is altijd te weinig van. Met alle beperkingen van de coronacrisis waren we ook heel blij met de schermen die we spontaan van De Laser Freezer kregen. Zo konden we al snel weer open voor onze klanten. Verder zou het mooi zijn als ons budget wat ruimte zou bieden om met de vrijwilligers voor kerst iets gezelligs te doen, maar een gift van een pak koffie of koekjes is ook heel welkom. Alle beetjes helpen.”