Vogel die onbekommerd uit je hand eet; het zien van een taigagaai brengt geluk

Hoogeveen - In West-Europa hebben we slechts één gaai. Vroeger heette hij Vlaamse gaai, maar dat mag niet meer. Gewoon gaai. In Drenthe wordt hij schrowakster genoemd. Een kraaiachtige vogel die bekend staat om zijn blauwe veertjes op de vleugels en zijn vele soorten geluiden. Echt een schreeuwlelijk.

In Canada en Amerika komen meerdere soorten gaaien voor, waaronder de zeer algemene Blue jay en de minder algemene Gray jay. Vooral de Blue jay komt in het voerhuisje in de tuin, vaak samen met eekhoorns. In het uiterste noorden, in Lapland, komt een bijzondere gaai voor, de taigagaai. Taiga betekent naaldwoud. Hier groeien bijna uitsluitende dennen en sparren, maar ook berken, dwergberken rond moerassen en korte gedrongen jeneverbesstruiken.

In Canada, Scandinavië en Rusland vormt de taiga een van de groene longen van onze planeet. De ondergroei bestaat uit een gesloten plantenkleed van blauwe bosbes, rode bosbes, struikheide, wolfsklauwen en talloze soorten bladmossen en korstmossen. De taiga gaat heel geleidelijk over in de toendra.

We lopen langs een rivier, 300 kilometer ten noorden van de poolcirkel. Links het stromende water, rechts de taiga. Het pad is smal en eindigt bij een blokhut die open is en vrij gebruikt mag worden door wandelaars. Een tafel, een paar stoelen, drie bedden met een matras en een van ruwe keien gemetselde schoorsteen. In de kleine hut ernaast ligt gekloofd hout. In de grote hut kun je boven het vuur je maaltijd bereiden. Buiten staan houten banken rond een vuurplaats met keien rondom. We ontdoen ons van onze rugzakken en gaan op de banken zitten. En dan zijn ze er zomaar, drie, vijf, zes taigagaaien. Hebben ze ons heimelijk gevolgd? Ze weten dat als wandelaars de rugzakken afdoen, ze iets gaan eten en drinken. Brutaalweg komen er twee naast ons op de bank zitten, op nog geen halve meter.

De anderen wachten in een den bij de blokhut. Taigagaaien eten alles: brood, koekjes, cake, restjes macaroni, aardappels, eigenlijk alle voedselresten. Geruisloos dalen ze in gaaiachtige vlucht naast je neer en maken slechts een heel zacht geluidje. Ze eten gulzig, nemen een snavel vol brood mee naar een boom om het daar op te eten. Steeds komen ze terug. Mijn vrouw legt wat brood op haar hand en wacht. Een taigagaai heeft het gezien en komt op haar hand. Hij neemt de tijd, onbekommerd, zonder een spoor van angst. Prachtige vogel. Filmpje: https://youtu.be/zIOhnUqTyYM

Lucky bird

Een taigagaai is iets kleiner dan onze gaai, heeft een fluweel zwarte kop, grijze rug en de buitenstaartveren en vleugelranden zijn roestbruin. De Sami, oorspronkelijke bewoners van Lapland in de noordelijkste provincie Lappi van Finland, noemen hem Kuukkeli. De vogel wordt bezongen in allerlei (kinder)liederen. Volgens de Laplandse volkscultuur brengt het zien van een taigagaai geluk. Vraag je een Sami naar de Engelse naam, dan zegt hij overtuigend: ‘Lucky bird!’ Bosarbeiders beschouwen de taigagaai als hun maatje. Een taigagaai is uitgesproken standvogel. Net als onze gaai legt hij voedselvoorraden aan voor de winter.

Alleen, ik kan me daarover geen voorstelling maken. Hoe vindt een taigagaai in vredesnaam onder één of twee meter sneeuw zijn wintervoorraad. Ze eten zaden, noten, bessen (die zijn er heel veel in het bos), maar ook aas. Zeker is dat taigagaaien in strenge Finse winters steden, dorpen en nederzettingen van Sami opzoeken. De bewoners helpen de vogels graag aan voedsel.

Dat brengt immers geluk en voorspoed. Ook dan komen ze op de hand van volwassenen en kinderen. In hun kielzog volgen raven en roofvogels. Naar schatting leven er 100.000 taigagaaien in Scandinavië en Rusland. Ze leven teruggetrokken in uitgestrekte bossen, maar zogauw ze mensen zien, zijn ze er als de kippen bij.