Onderwijsbrand nog niet geblust

Hoogeveen – De kou over de onenigheid rond de visie op onderwijshuisvesting is nog niet uit de lucht. Woensdag hebben de schoolbesturen en het college om tafel gezeten om te praten over hun verschil van mening. De scholen hebben vorig week het overleg over de visie opgeschort.

Na het gesprek woensdag hebben de scholen nog niet besloten om het oberleg te hervatten. Ze willen eerst de uitleg van wethouder Jan Steenbergen eerst op zich laten inwerken.

Scholen stapten uit projectgroep

De schoolkoepels zijn niet blij met de uitlatingen van de wethouder rond de overschrijding van het budget voor het Kindcentrum Wolfsbos en dat deze overschrijding uit het budget voor 2020 en 2021 worden betaald. Toen de scholen twee weken geleden de wethouder om  uitleg hierover vroegen en die volgens hen niet voldoende was, stapten de scholen uit de projectgroep voor de visie op onderwijshuisvesting.

Woensdagochtend deed de gemeente een poging om het overleg vlot te trekken. Deze scholen wilden dit gesprek eerst op zich laten inwerken voordat ze een besluit nemen of ze terugkeren in de projectgroep.

'Voor de visie zijn scholen nodig'

PvdA-fractievoorzitter Inge Oosting wist woensdagavond tijdens de gemeenteraadsvergadering te vertellen dat de schoolbestuurders eerst de antwoord van de wethouder op de vragen van de PvdA tijdens die vergadering wilden afwachten. ‘Van mevrouw Oosting begrijp ik nu dat de kou nog niet helemaal uit de lucht is’, aldus Steenbergen. ‘Dat is jammer, want voor deze visie hebben we echt de scholen nodig. We blijven ons best doen om de scholen weer in de projectgroep te krijgen.’

Volgens Steenbergen worden ook de komende jaren de investeringen in de schoolgebouwen gedaan  die nodig zijn. ‘De raad heeft nu normen voor de schoolgebouwen vastgesteld. Daaraan voldoen de scholen nu. Wanneer dat niet het geval is, zijn we wettelijk verplicht actie te ondernemen. Dat zullen we doen ook doen. Tegenwoordig kijken we misschien anders tegen onderwijshuisvesting aan. Zaken als luchtkwaliteit en flexibiliteit van een schoolpand spelen een belangrijkere rol. Daarom willen we ook de visie op onderwijshuisvesting zo snel mogelijk afronden omdat daar nieuwe normen uit voorvloeien.’